
Bijziend op jonge leeftijd en wat een oogchirurg daarvan vindt
7 oktober 2026 om 14:47 Zakelijk-nieuws-landelijkVeel jongvolwassenen zetten elke ochtend als eerste hun bril op of doen hun lenzen in. Een flink deel van hen vraagt zich op een gegeven moment af of het ook anders kan. Dr. Javier Martínez de Aragón, refractiechirurg en medisch directeur van het Nationaal Oogcentrum in Naarden, ziet die vraag vaak voorbijkomen. “Mensen willen meer gemak in het dagelijks leven en merken dat ogen laseren daarvoor een duurzame oplossing kan zijn.”
Eerst moet je sterkte tot rust komen
Wie bijziend is, wil vaak zo snel mogelijk van zijn bril af. Toch is leeftijd daarbij een belangrijk punt. Een ooglaserbehandeling bij het Nationaal Oogcentrum is mogelijk vanaf 18 jaar, en je sterkte moet dan minstens een jaar stabiel zijn. Bij mensen onder de twintig verandert de sterkte vaak nog, omdat de ogen in de puberteit en daarna nog in ontwikkeling zijn.
Martínez legt uit waarom die stabiliteit zo zwaar weegt. “Bij ogen laten laseren wordt de vorm van het hoornvlies aangepast. Daarmee kan een refractieafwijking worden gecorrigeerd.” Bij volwassenen is dat resultaat blijvend, zegt hij. “Bij volwassenen groeit het oog niet meer, waardoor de vorm van het hoornvlies na de behandeling stabiel blijft.”
Hoe vroeg bijziendheid kan beginnen, is ook in Barneveld bekend. Dat bijziendheid bij kinderen kan toenemen door veel kijken op korte afstand, waarschuwde een oogzorgspecialist eerder. Wie als kind bijziend werd, heeft daarom vaak al jaren een bril voordat ooglaseren in beeld komt.
Geen twee ogen zijn hetzelfde
Leeftijd is bovendien maar één factor. “Geen twee ogen zijn hetzelfde. Daarom bekijken we eerst zorgvuldig welke behandeling het beste bij iemand past”, vertelt Martínez. Tijdens het vooronderzoek kijkt de kliniek onder meer naar de gezondheid van het oog en de dikte van het hoornvlies.
“Daarom vindt vooraf altijd een uitgebreid oogonderzoek plaats”, zegt hij. “Het belangrijkste is dat de behandeling veilig is en aansluit bij de persoonlijke situatie van de patiënt.” Wie contactlenzen draagt, laat die vóór het onderzoek een tijd uit, twee weken bij zachte lenzen en vier weken bij harde lenzen.
Welke methode bij welke sterkte past
Het Nationaal Oogcentrum werkt met verschillende technieken, die elk hun eigen grenzen hebben. Met CLEAR, een behandeling zonder flapje, is bijziendheid van -1,5 tot -12 te corrigeren. IntraLASIK gaat tot -10, en LASEK en TransPRK tot -8.
Die laatste twee methodes zijn bedoeld voor mensen met een dun of onregelmatig hoornvlies. TransPRK werkt bovendien zonder aanraking van het oog en past bij gevoelige ogen of bij mensen die een contactsport beoefenen. Is de sterkte te hoog voor laseren, dan blijven er alternatieven over, zoals een kunstlens die voor de eigen ooglens wordt geplaatst.
Een ingreep zonder naalden
Veel jonge mensen zien vooral op tegen de behandeling zelf. Martínez stelt ze gerust. “Er komt geen naald aan te pas. De ogen worden volledig verdoofd met speciale oogdruppels. Daardoor voel je niets van de behandeling.”
De correctie die de laser uitvoert, is blijvend, benadrukt hij. “De behandelde vorm van het hoornvlies groeit niet simpelweg terug naar de oude situatie.” Volgens Martínez is bij vrijwel iedere ooglaserbehandeling één behandeling per oog in principe voldoende.
Herstel en verwachtingen
Na CLEAR of IntraLASIK functioneren de meeste mensen binnen een à twee dagen weer normaal. Bij LASEK en TransPRK duurt het vier tot vijf dagen tot de eerste controle. “Het doel van de behandeling is het zicht blijvend te verbeteren. In de meeste gevallen hebben mensen na afloop geen bril of contactlenzen meer nodig”, zegt Martínez.
In sommige gevallen is ooglaseren ook meer dan een kwestie van gemak, legt Martínez uit. “Wanneer er sprake is van een verschil van minimaal vier dioptrieën tussen beide ogen én contactlenzen niet worden verdragen, kan ooglaseren wel medisch noodzakelijk zijn.”
Een stabiele sterkte is het beste vertrekpunt
Voor jongvolwassenen die bijziend zijn, komt het advies van Martínez neer op geduld en een goed onderzoek. Pas als de sterkte een jaar niet meer verandert en de ogen verder gezond zijn, is het moment daar om de mogelijkheden te laten bekijken.
Wie die stap zet, merkt het verschil volgens hem meteen. “Wanneer mensen na hun behandeling wakker worden en direct scherp kunnen zien, merken ze pas hoeveel verschil dat maakt in het dagelijks leven.”

















