Voor der stratenatlas ‘Als eene stadt betimmert’ maakte Henk Sohilait deze fraaie perspectieftekening aan de hand van oude foto’s en een briefhoofd.
Voor der stratenatlas ‘Als eene stadt betimmert’ maakte Henk Sohilait deze fraaie perspectieftekening aan de hand van oude foto’s en een briefhoofd. Beeldbank Barneveld

Van bedden tot damesmode
en [woonaccessoires]

19 juni 2026 om 12:26

Links van de Grote of Oude kerk – ooit de aan Sint Odulphus gewijde rooms-katholieke kerk op de hoek van de Langstraat, schuin tegenover de Jan van Schaffelaarstraat - stond nog in mijn jeugd een groot, oud en eerbiedwaardig winkelpand met aan de gevel een groot scheepsanker. In de collectie briefhoofden en nota’s van het gemeentearchief bevindt zich ook een exemplaar van een brief van ‘Magazijn ’t Anker’ van D. Romeijn met middenvoor op de gevel een eerder gietijzeren scheepsanker. Daaronder boven de vijf ramen en twee winkeldeuren stond vermeld wat Dirk Romeijn allemaal op voorraad had: karpetten bedden, matrassen, voerzeilen, lingeries, ledikanten, manufacturen en confectie. Veel later werd er in deze winkel  uitsluitend damesmode verkocht en in de winkel links van Romeijn, ooit eigendom van de heer en mevrouw Swelheim-de Leeuw, met de naam ‘Romsa Ramsa’ huishoudtextiel en dergelijke.

Het was een breed pand en je kunt je bijna voorstellen dat hier vroeger twee huizen of winkels hebben gestaan en dat is ook zo. In de stratenatlas ‘Als eene stadt betimmert’ kregen die twee panden de nummers 116 en 117 en in beide huizen woonden vroeger bekende Barnevelders. De bewoners van het rechterpand hadden links van hen rustige buren. Daar lag immers het kerkhof zoals is de meeste oude dorpen en steden vroeger het geval was. Tot eind juli 1770 werd dat kerkhof van de openbare weg afgescheiden door een stenen muur. Die werd na een besluit van de ambtsjonkers verkocht en vervangen door hardstenen palen. Op het huidige Kerkplein herinneren rechthoeken van grijze stenen nog aan die tijd. Het stellen dan ook grafzerken voor. Buiten de kerk werden de arme en mindergegoede Barneveld begraven en in de kerk de adel en gegoede burgerij; ‘de rijke stinkers’ dus omdat de fraaie zerken in de kerk vaak niet allemaal luchtdicht waren.


BAKKERIJ In het linkerpand woonde in 1705 Reijer Huibertsen wiens achternaam in enkele oude akten werd uitgebreid met ‘van Meerveld’. Hij was getrouwd met Hendrickjen Hendrina Brouwer en kocht in 1708 een stuk land dat ‘den Boomgaart werd genoemd. In die zelfde akte is sprake van ‘de Kerckhoffs camp’ en het ‘kerckhoff dijckjen. In 1749 woonde hier Steven van Ede. Op 12 mei 1779 kochten Claas Heijneman en Jannetje van Dijkhorst dit huis en hof ‘aan ’t Kerkhoff ‘, staande en gelegen in Barneveld tussen het huis van de weduwe van Fredrik van den Ham en het kerkhof, zijnde de put en de pomp tussen dit huis en dat van de genoemde weduwe, thans bij de weduwe van Hendrik Heerdt in pagt gebruikt en bewoond wordende’, voor f. 1.200,-. De apotheker J. Saggittarius was bij deze verkoop de gevolmachtigde Rijk van der Horst en Alida Saggittarius. Eind 18de eeuw woonde Nicolaas (Klaas) Heineman dus hier, die er brood bakte en kruidenierswaren verkocht. Klaas trouwde in 1757 in Barneveld met Jannetje van Dijkhorst. Samen kregen ze zeven kinderen die in 1806 als bewoners van het huis staan vermeld. Dochter Elizabeth, gedoopt 20 november 1763 en overleden op 14 februari 1840 te Barneveld, stond in 1827 als hoofdbewoonster en winkelier vermeld. Later zou de bakkerij van Heineman naar een adres verderop in de Langstraat verhuizen. Daar is nu de bakkerij van De Vries gevestigd.


In 1850 woonde hier op nummer 116 een andere winkelier waarvan ik niet weet of hij soms ook in kruidenierswaren handelde. Dat was Jacobus H. Gerritsen. Tussen 1827 en 1850 moeten de panden 116 en 117 zijn samengevoegd waardoor er één grote winkel ontstond. Of hier toen al (dames)kleding en dergelijke werden verkocht, weet ik eerlijk gezegd niet.


MANUFACTUREN Frederik Dirk Hopster (1834 -1907), gehuwd op 24 september 1866 in Deventer met Gerdina Bunschoten had in de tweede helft van de 19e eeuw een manufacturenzaak in het pand waar later de damesmodezaak van de fa. Romeijn zou worden gevestigd, “’t Anker” in de Langstraat, vlak naast de Grote Kerk. Dirk Romeijn DFzn (1876-1959) was volontair bij de firma Hopster zou later de zaak overnemen en voortzetten.


PAND NAAST KERKHOF De eerste bewoner die ik kon achterhalen was de weduwe van Jan Reynders die in 1737 hier woonde. Dat was Sophia Nieuwendorp met wie Jan op 24 november 1714 in Barneveld was getrouwd. Het pand was toen eigendom van Steven Coenjes, gehuwd met Claaesjen Westenenck; die laatste, inmiddels weduwe verkocht het huis, inclusief de tuin en een schuur op 15 augustus 1743 aan Johanna Nathanaëls die er als bewoonster en winkelierse te boek staat in het in 1749 opgemaakte kohier Hoofd- en Haardstedegeld. Johanna liet op 8 juli 1754, ‘sijnde wel swaeck ende bedlegerigh maar haar verstand en uijtspraak magtigh’ haar testament opmaken waarbij ze haar twee neven Gerrit en Hendrik Coenraadts ieder vijftig gulden naliet en haar nicht Johanna Coenraadts de rest van haar bezittingen kreeg.


VAN ROUWENDAL In 1766 vestigde Jan Antony van Rouwendal zich als chirurgijn vanuit Amsterdam in het dorp Barneveld. Mogelijk had dit te maken met zijn relatie met Anna Elizabeth Beek, dochter van de schout Johan Beek en diens echtgenote Elisabeth Rhomberg. Hoe het ook zij, hij liet er een baan bij de marine voor schieten! In inventarisnummer 128 van het Oud  Archief van de gemeente Barneveld komt een kopie voor van een verklaring welke op 23 juli 1765 in Amsterdam werd afgegeven en waarin Van Rouwendal bekwaam genoeg werd verklaard als opperchirurgijn dienst te doen op één van ’s lands oorlogsschepen.

Van Rouwendaal huwde met Anna Beek op 16 oktober 1767 in de Grote Kerk en ruim tien jaar later kreeg hij in onze gemeente te maken met de bestrijding van de, epidemische vormen aangenomen hebbende, rode of persloop. Het was een dysenterie-epidemie die tussen 1778/79 en 1782/83 in Gelderland veel slachtoffers eiste. Deze “ernstige bezoeking” werd reeds beschreven door een tijdgenoot, de Harderwijker hoogleraar in de medicijnen Matthias van Geuns in zijn publicatie “De heerschende persloop (dysenteria epidemica) die vooral in 1783 de provincie Gelderland getroffen heeft, inzonderheid het Quartier van Veluwen”.

VREEMD RECEPT In een van de doopboeken van de Hervormde gemeente van Voorthuizen staan “Remedien tegen de rode loop” vermeld maar bij de hier geadviseerde behandelmethoden plaats ik toch enkele vraagtekens. Bijvoorbeeld: ‘1. Als ymant voelt dat zijn lichaam daarmede geinfeckteert is, moet hij datelijk een purgatie innemen om die quade humeuren af te drijven daernae neemt in ‘servormde gemeente in Voorthuizen Her morgens, ’s middags en ’s avonds ijdermael een koekjen van de volgende specien gebacken: 3 muscaten noten gestoten, item zoo veel van een rode backsteen wel gepulverseert, item drie versche eijeren, dit alles door malkander gemengt en daarvan op een warme backsteen of pannekoekjes gebacken als een Rijksdaalder groot. 2. Noch een ander remedie. Neemt de nieren uijt een schaap met het ongel dat daarom is, kookt het met malkander heel morf, perst het door een doek en drinkt dit nat. Het geneest en stopt de loop. (…) 6. Als men drinken moet, moet men niet anders als salye water gebruycken of water uyt de Smits koelback’.

Van Rouwendal woonde op drie plaatsen in ons dorp. Het laatst waarschijnlijk – hij werd op 4 april 1808 begraven – dus in het pand waar later de damesmodezaak van Romeijn zou worden gevestigd.  Indien hij echter in 1806 met pensioen is gegaan dan is het mogelijk dat hij onder de naam Jan Rouendaal als rentenier woonachtig was op de plaats waar nu een textielwinkel (Zeeman)  is gevestigd, eveneens aan de Langstraat. In 1827 woonde zijn zoon, de arts Johannes Lambartus nog in het huis naast het kerkhof. Deze was gehuwd met Anna Elizabeth Schuurman.


ROLTRAP Vanaf 1850 is de geschiedenis van dit pand identiek met die van het ernaast staande huis en werd het achtereenvolgens de winkel van Gerritsen, Hopster en Romeijn. Het fraaie winkelpand werd alweer jaren geleden gesloopt en er verrees een moderne damesmodezaak met de eerste roltrap van het dorp. Ook dat werd weer hartgrondig ‘vernieuwbouwd’ en bevat nu een praktijk voor orthodontie, ‘Marlisa’ een winkel in woonaccessoires, een damesmodezaak ‘La Posta’ en een vestiging van Specsavers. De hoogte en breedte van het gebouw zorgde ervoor dat de fraaie Jan van Schaffelaartoren veel minder zichtbaar is dan voorheen. Jammer.

Het fraaie oude winkelpand met de twee voordeuren waar ongetwijfeld telgen uit de familie Romeijn voor poseren
Advertentie uit vroeger tijd met reclame voor ‘uitzetten’, de kleermakerij en beddenmagazijn. Dirk was onder telefoonnummer 62 destijds te bereiken.
De voorgevel maar nu van de andere kant. Geen idee waarom het pand met een scheepsanker werd versierd. Als symbool voor hoop wellicht?
Zo ziet het pand er vandaag de dag uit. Van enige elegantie is helaas niets meer te bespeuren
De brieven en nota’s van Magazijn ‘’t Anker’ waren voorzien van deze afbeelding van het pand.