[-57-
2 juni 2026 om 10:34Ze schudde haar hoofd. Nee, dat was te veel gevraagd. Acceptatie van dat feit, oké, ze had uiteindelijk zelf die plaats afgestaan. Maar dankbaar?
Dankbaar was ze wel voor de nieuwe ruimte in haar eigen leven die ze nu voelde. Ruimte die ze, zeker de laatste vijftien jaar, niet ervaren had. Niet gekregen had? Of niet ingenomen had, voor de lieve vrede? Of omdat Evert alle ruimte voor zichzelf opeiste?
De kinderen hadden het alle drie gezien en benoemd: ze kreeg meer zelfvertrouwen, ging rechterop lopen, besteedde meer aandacht aan haar uiterlijk. Ze verheugde zich nu al op haar nieuwe look, om samen met Lotte en Vera uit te zoeken wat bij haar nieuwe zelf paste. Die nieuwe look was er vast nooit gekomen als ze niet weggegaan was bij Evert…
De zaterdag na haar verjaardag arriveerden Lotte, Vincent en Denis rond halftwaalf als eersten bij haar huisje. Ze hadden het huis alleen maar van de foto’s en een virtuele rondleiding gezien, en vonden dat Francien geboft had. Ze mochten slapen op de slaapkamer van Francien, die zelf voor dat weekend verhuisde naar het eenpersoonsbed in de slaapkamer aan de voorkant. Vincent zette het campingbedje op voor Denis, zodat hij meteen na de lunch naar bed kon voor zijn middagdutje.
Kort daarna kwamen Gert-Jan, Merel en Yara aan. Zij hadden het huis al gezien toen ze een keer in Zeeland waren voor de verjaardag van Merels vader. Gert-Jan zette de kinderwagen op, Yara paste daar nog net in. Merel overhandigde Francien diverse diepvriesdoosjes. ‘Die had ik je beloofd. Chili con carne, nasi, stamppot andijvie met spekjes, van alles wat, op het etiket staat wat erin zit.’
‘Wat lief, dank je wel!’ zei Francien. Ze deed de doosjes meteen in haar vriesvakje, het paste net.
Gert-Jan en Merel groetten Lotte en Vincent. Ze deden wat geheimzinnig, vond Francien, maar dat zou wel te maken hebben met hun gezamenlijke cadeau voor haar.
Ze had besloten een lopendbuffetlunch te maken, dan kon iedereen pakken wat hij of zij wilde, en het op de bank of aan de eettafel opeten. Terwijl ze met Merel bezig was met het buffet, kwamen Wiebe, Vera en de kinderen binnen. Er volgden begroetingen en wat gesmoes onder elkaar. Toen iedereen zat, vroeg Francien even stilte en ging ze voor in een kort gebed, waarin ze dankte voor de aanwezigheid van alle kinderen en kleinkinderen, een zegen vroeg over de maaltijd en vroeg om een gezellige middag met de rest van de visite.
Er werd gesmuld van alle lekkere dingen die Francien in huis gehaald had. Vooral de bolussen vielen in de smaak bij degenen die niet meer in Zeeland woonden.
Na de lunch hielpen ze allemaal met opruimen en afwassen, terwijl Merel baby Yara ging voeden en Lotte Denis naar bed bracht. Kristel en Stef zouden rond halfdrie komen, en Franciens ouders en Paulien met haar man rond drie uur. Broer Thijs had donderdag al gebeld op Franciens verjaardag, hij en Norma en de kinderen konden er niet bij zijn vandaag.
Toen ze allemaal weer zaten, zette Gert-Jan in: ‘Er is er één jarig, hoera, hoera’, waarna ze allemaal meezongen. Sanne en Marlies mochten toen samen de taart naar binnen dragen. ‘Zélf gebakken, samen met mama!’ riepen ze.
Vera lachte. ‘We hebben er nog eentje, hoor,’ zei ze geruststellend, ‘dus er is genoeg voor iedereen, ook voor de visite die nog komt.’
De taart werd aangesneden en verdeeld, en ook koffie en thee werd geschonken.
Francien keek de kring rond. Afgezien van de slapende Denis en Yara zat de hele kamer vol. Wat een rijkdom toch!
Haar blik viel op Wiebe, die voor zich uit zat te kijken. Het leek wel of hij boos was. Misschien had Remco iets uitgevreten?
‘Niet zo boos kijken, hoor Wiebe,’ grapte ze. ‘Vandaag is het feest.’
Wiebe keek haar aan. Er lag verdriet in zijn ogen, geen boosheid.
‘Sorry, mam, laat me maar even.’ Hij deed zijn best om te lachen, maar het ging niet van harte.
Francien besloot niet door te vragen om het hem niet moeilijk te maken. Ze zou later wel horen wat er aan de hand was.
De rest van de middag verliep zonder wanklank. Er werd plaatsgemaakt voor Stef en Kristel, en later voor opa en oma Jobse en Paulien en Marcel. Om halfvier vertrokken Gert-Jan, Merel en Yara, die logeerden de rest van het weekend bij Merels ouders. En om vier uur gingen Wiebe, Vera en de kinderen weer naar huis.
‘Tot maandag,’ zei Francien tegen Vera. ‘Kunnen Lotte en ik je om één uur ophalen? We willen maandagmiddag in Goes kijken, kunnen we dan niet slagen, dan kunnen we dinsdagochtend altijd nog naar Middelburg.’
‘Ja hoor, dat kan. Tot maandag. Ik heb er zin in.’
‘Ik ook,’ zei Francien. ‘Jullie hebben me allemaal flink verwend, het was bij elkaar een heel bedrag!’ Ze was er nog wat beduusd van.
‘Fijn toch? Daar kunnen we vast wel een leuke nieuwe outfit voor kopen.’
‘Wat was er nu met Wiebe?’ vroeg Francien.
Vera schudde haar hoofd. ‘Vandaag niet, vandaag is het feest. Dat hoor je maandag wel.’
Er was dus wel iets, constateerde Francien. Misschien had daar dat geheimzinnige gesmoes vanmorgen ook wel mee te maken gehad. En het was blijkbaar niet iets leuks.
Toen ze de kamer weer binnenkwam, zat haar vader met de kleine Denis op schoot.
[wordt vervolgd