Ina Adams en André van Reenen luisteren naar vogelgeluiden op landgoed Groot Bylaer.
Ina Adams en André van Reenen luisteren naar vogelgeluiden op landgoed Groot Bylaer. Kees van Reenen

'Waar blijven de [uilen?'

13 mei 2026 om 14:40

Klokslag één in de nacht rijden André van Reenen uit Barneveld en Ina Adams uit Lunteren richting het Kootwijkse Veld in de hoop de eerste nachtzwaluw te horen. ,,Het idee van 24 uur lang vogelen hebben we maar één of twee keer gehaald”, legt André uit. ,,Aan het eind ga je hallucineren van vermoeidheid.” Omdat hij vanavond andere verplichtingen heeft, is er maar één donker dagdeel beschikbaar en dat moet maximaal worden benut voor nachtvogels.

Ina zet de auto stil op een kleine parkeerplaats en dan lopen beide vogelaars een donkere zandweg op richting de hei. Vandaag moeten ze met hun tweeën de traditie voortzetten; in de begintijd waren er soms wel vier of vijf deelnemers. Er is echter een nieuw hulpmiddel: André heeft onlangs een warmtebeeldkijker aangeschaft en daarmee speurt hij nu het veld af. ,,Herten”, meldt hij. Maar geen vogel.

Dan wijkt de bosrand en strekt zich de heide voor de vogelaars uit en meteen horen ze een verwijderd, maar duidelijk hoorbaar sonoor geratel: nachtzwaluw! ,,Dat valt me mee”, zegt Ina. ,,Dit is inkoppen.” De vogel is echter niet te zien en verder is het volkomen stil, totdat André een vrijwel onhoorbaar geluidje oppikt en dat determineert als boomleeuwerik. Even later kan Ina het bevestigen. Een vogel moet namelijk door beiden zijn waargenomen wil hij meetellen.


DIEPE RUST Dan snel op zoek naar uilen. André, opgegroeid in Kootwijkerbroek, geeft Ina rij-aanwijzingen in deze voor haar vrij onbekende streek, tot halt gehouden wordt aan de Topperweg. Ramen open en luisteren. Alles is in diepe rust. Dan door naar de Eindweg. Daar stappen ze uit, want in één van de boerderijen zit een kerkuilennest. Maar hoe ze ook luisteren en turen, geen uil of wat voor vogel ook geeft een levensteken. Hoe kan dat? ,,Het is een momentopname”, zegt André. Ina bevestigt: ,,Het kan zijn dat we hier tien minuten staan en dat een vogel vijf minuten later langskomt.”

Aan de Nachtegaalweg weet André een steenuilenkast – maar waar is dat ding gebleven? Is de boom waar hij in zat gekapt? In elk geval laat geen uil zich horen; dat gebeurt pas aan de Wencopperweg: een duidelijke steenuilroep. ,,Ha, hebben!” Op de Plaggenweg speurt André de vuilnisbelt af, maar ziet niets. Ina wijst op tikgeluidjes: ,,Knagende rupsen. Die hoor je ’s nachts goed.”

Een ooievaar staat op zijn nest aan de Hanzeweg en dan stappen de vogelaars uit bij de Esvelderbeek. Een onbekend geluid doet hen aarzelen; het blijken jonge grauwe ganzen. 


NIEUWKOMER In het riet slapende spreeuwen maken onrustige geluiden en dan klinkt plotseling het explosieve wijsje van betrekkelijke nieuwkomer cetti’s zanger: 'Tjit. Tjittetetjit'. Terwijl een vrachtwagenchauffeur vanuit zijn cabine argwanend toekijkt, kan vanaf de Doesburgweg een zingende kleine karekiet worden opgepikt.

Volgende stop is de Wolfskamer, slechts goed voor meerkoet. Dan snel naar Voorthuizen voor de ontbrekende uilen: rond de Lange Zuiderweg zijn eerder kerk-, bos- en ransuil waargenomen, maar vannacht zit het niet mee. Ook Zevenbergjesweg en Hunnenweg leveren niets op.

Bij Zwartebroek laten kievit en scholekster zich horen. ,,Stop hier maar bij de nachtegalenplek”, wijst André op de Peerweg. ,,Nee, de kerkuilenplek”, meent Ina. Maar geen van beide wordt het. ,,’t Gaat niet vanzelf, Ina.” – ,,We hebben wel eens betere nachten gehad, vriend.” Het is kwart over vier en het eerste daglicht gloort aan de horizon.

In Terschuur laat de eerste roodborst zich horen en als Kallenbroek bereikt wordt, gaat het snel: merel, zanglijster, tuinfluiter, grauwe vliegenvanger, winterkoning, fitis, tjiftjaf, tuinfluiter, zwartkop, vink… De dag is begonnen.

Voor landgoed Bylaer nemen ze ruim de tijd en dat levert onder meer middelste bonte specht en vuurgoudhaantje op. Om 9 uur is zwarte specht de vijftigste soort. Van vermoeidheid hebben de vogelaars nog geen last. Op naar Zeumeren, Kootwijk en wie weet waar nog onontdekte vogelsoorten zitten.

Steenuil was de enige uilensoort die tijdens de 'Big Day' van vorige week is waargenomen.
Grauwe vliegenvanger op hoge uitkijkpost ’s morgens vroeg in Kallenbroek.
Warmtebeeld van nachtelijk Kootwijkse Veld met vogelaars André van Reenen en Ina Adams.
Ina en André luisteren geconcentreerd naar nachtgeluiden aan Eindseweg in Kootwijkerbroek.
Warmtebeeld van fietspad langs Esvelderbeek met Ina Adams en André van Reenen.
Warmtebeeld van Ina Adams en André van Reenen op landgoed Klein Bylaer (Kallenbroek).
Ochtendgloren boven de hei van Erica (landgoed Klein Bylaer).
Vroege merel zingt in een dode boom op Klein Bylaer rond zonsopkomst.
Grauwe vliegenvanger, één van de bijzonderste soorten van Barneveldse Big Day 2026.