
‘Ik wilde staan [op de plek] waar mijn vader nog leefde'
Canadees George Huscroft is te gast in Leusden
15 mei 2026 om 06:40Huscroft woont in Kitchener in British Columbia. Een paar jaar geleden leerde de Leusdense Carla Groenewegen hem kennen. Zij vertelt vanuit Canada: ,,Mijn dochter woont in Canada en George is familie van mijn schoonzoon. Ik kwam hem in Canada in het verleden regelmatig tegen en dan praatte hij altijd over zijn vader die in Nederland in Holten begraven ligt. Dat droeg hij al zijn hele leven bij zich.” Haar dochter vertelde George dat als hij ooit weer naar Nederland wilde om het graf van zijn vader te bezoeken, dat hij wel in het huis van haar moeder mocht verblijven. Hij nam dat aanbod graag aan. Op 4 mei heb ik hem in Canada de sleutels van mijn huis overhandigd.” Op 6 mei kwam hij samen met zijn vrouw in Nederland aan.
Denis George Huscroft wilde op zijn zestiende al het leger in, maar hij werd te jong bevonden. Kort daarop probeerde hij het opnieuw en werd wel aangenomen. ,,In die tijd liep hij al twee klassen voor op zijn leeftijdsgenoten. Zodra hij binnen was, begon hij aan de officiersopleiding bij de Royal Canadian Scottish Regiment.”
Zijn moeder probeerde hem tegen te houden. ,,Een officier zei tegen haar: ‘Hij blijft het proberen tot hij binnen komt.’ Ze wilde niet dat hij mee zou doen aan de strijd. Ze was bang dat hij gedood zou worden. Mijn vader wilde naar Europa om ervoor te zorgen dat de nazi’s Canada nooit zouden bereiken. Hij wilde gewoon zijn plicht doen. Mijn moeder was toen zwanger van mij. Ik heb een zus die anderhalf jaar ouder is. Mijn vader heeft haar nog vastgehouden; zij hebben elkaar wél gekend.”
,, De schuur werd drie keer rechtstreeks geraakt terwijl mijn vader binnen was
DRIE INSLAGEN Denis George was betrokken bij de ‘Slag om de Delfzijl-Pocket’, waarbij het dorp Wagenborgen een bloedige rol speelde in de eindfase van de Tweede Wereldoorlog tijdens de bevrijding van Groningen. Het dorp was onderdeel van de Duitse verdedigingslinie rond Delfzijl. Denis George had zijn intrek genomen in een hoofdkwartier in een schuur, gemaakt door het Canadian Scottish Regiment. ,,De ene helft werd gebruikt als officiershoofdkwartier en de andere helft als hulppost. Op 21 april 1945 was de oorlog bijna voorbij, maar er waren nog veel fanatieke Duitsers die niet wilden geloven dat Hitler verslagen was. Ze wisten dat er Canadese officieren in die schuur zaten. De schuur werd drie keer rechtstreeks geraakt terwijl mijn vader binnen was. Ze konden niet meteen bij hem komen. Volgens mij duurde dat drie dagen.”
,, Hij viel bewusteloos neer, met in zijn binnenzak een brief van mijn moeder waarin stond dat ik was geboren
Eerst werden deze soldaten begraven op een tijdelijk kerkhof in de buurt. Later kocht de Commonwealth War Commission grond in Holten en werden de lichamen daarheen overgebracht. ,,Mijn moeder woonde toen nog bij mijn grootmoeder toen ze een brief kregen dat mijn vader vermist was geraakt. De oudere generatie zei altijd: als je een brief kreeg dat iemand vermist was, moest je je voorbereiden op de volgende brief - dat hij gesneuveld was. Dat was een enorme schok.”
Twee jaar na de dood van Denis George overleed ook zijn vader, Georges opa.
Marie-Therese: ,,We vermoeden dat dit door een gebroken hart kwam, hij had zóveel verdriet hiervan.”
De moeder van George mocht voor altijd bij haar schoonmoeder blijven wonen met de kinderen, maar koos hier niet voor. George: ,,Mijn moeder wilde mijn oma niet tot last zijn. Uiteindelijk trouwde ze in datzelfde jaar met een soldaat die de volledige oorlog had meegemaakt. Ik bleef bij mijn grootmoeder wonen. Ik denk niet dat ze mij wilde weghalen bij mijn grootmoeder. Mijn grootmoeder had haar zoon én haar man verloren; het zou haar hart gebroken hebben als mijn moeder ook haar kleinzoon had meegenomen. We hadden bovendien een appelboomgaard van 7,28 hectare waar voor gezorgd moest worden. Mijn moeder woonde bovendien anderhalve kilometer verderop.”
STIEFVADER Het was voor George zwaar om zonder een vader op te groeien. ,,Ik ging bij de scouts en daar had je altijd vader-zoonbanketten. Mijn stiefvader was een goede man, maar ik denk dat hij niet écht een andere zoon wilde opvoeden. Hij was ook soldaat in de Tweede Wereldoorlog, een gewone soldaat, terwijl mijn vader officier was. Misschien dat daar wat jaloezie zat. Voor mijn moeder moet dat ook moeilijk geweest zijn. De moeder en zussen van mijn vader leefden nog, en er werd voortdurend over hem gesproken. Zeker omdat hij als oorlogsheld werd gezien. Ik kende hem niet echt, maar hoorde steeds verhalen over zijn moed. Dat moet moeilijk zijn geweest voor mijn stiefvader.”
CAMOUFLAGE Hij was al eens in Holten in 1980, maar had toen weinig tijd voor onderzoek. Tijdens deze trip heeft George heel veel meer feiten ontdekt over zijn vader. ,,Op de begraafplaats ontmoetten we een Nederlandse man, Johan, die alles weet over de 1492 soldaten die daar begraven liggen. Van iedere soldaat kent hij het verhaal.” George kent daarnaast een korporaal die betrokken was bij een missie onder leiding van zijn vader. Deze man woonde niet ver bij hem vandaan.
,,Hij had gezegd dat de Canadezen een hooggeplaatste Duitse officier gevangen wilden nemen vanuit een Duits kamp. Mijn vader bood aan om dat met zijn peloton te proberen. Ze kwamen dicht bij het kamp, maar er lagen boobytraps. Eén van zijn mannen stapte op een landmijn en zo werden ze ontdekt. Toen barstte de hel los. Mijn vader rende in prikkeldraad en zijn uniform werd bijna van zijn lichaam gerukt. Hij was zo uitgeput dat hij uiteindelijk bewusteloos neerviel, met in zijn binnenzak een brief van mijn moeder waarin stond dat ik geboren was op 13 januari 1945.”
,, Het is ontroerend hoeveel de Nederlanders om deze geschiedenis geven
VERWERKING Tijdens deze trip nam Johan George en Marie Therese mee naar de dijk waar dit voorval plaatsvond en de plek waar zijn vader zijn leven verloor. ,,Ik wilde op dezelfde grond staan waar mijn vader nog leefde. Ik wilde op die dijk staan waar hij die nacht richting het Duitse kamp trok. Ik moest daar gewoon zijn, omdat ik weet dat hij dáár nog leefde. Het helpt mij voor mijn verwerking om hier te zijn. Je wilt op een bepaald moment gewoon niet meer weg.” Marie-Therese krijgt zichtbaar last van haar emoties en zegt: ,,Het is zo ontroerend hoeveel de Nederlanders om deze geschiedenis geven. Zelfs jonge mensen brengen bloemen naar de graven.”