[-23-
22 april 2026 om 10:00Hij keek haar meewarig aan. ‘Wat triest. Hoe komt dat ineens zo?’
Ze schudde haar hoofd. ‘Dat is iets tussen mij en Evert, Koos. Daar laat ik me liever niet over uit.’
Hij knikte. ‘Dat snap ik. Maar het blijft altijd verdrietig, zulke dingen. Afijn, als ik iets voor je kan doen, hoor ik het wel.’
‘Ja hoor, bedankt voor het aanbod.’
Het hoofd van Koos verdween, en Francien ging weer zitten en nam een hap van haar yoghurt. Evert was dus al weg vanaf zaterdag. Waar was hij naartoe? Hij moest toch gewoon werken deze week?
Een bang vermoeden kroop in haar gedachten. Ze at snel haar schaaltje yoghurt leeg, stond op, pakte haar portemonnee en liep naar boven naar haar naaikamertje. Daar stond een oude laptop die ze van Gert-Jan gekregen had, en die ze weleens gebruikte om te mailen naar Kristel of om wat patronen op te zoeken. Zo hoefde ze Evert niet te storen als ze op de computer wilde.
Ze startte hem op en ging naar de site van internetbankieren. Even later staarde ze met een ongelovig gezicht naar het scherm.
Evert had blijkbaar de afgelopen dagen elke avond gedineerd in een restaurant in Gelderland, elke dag in een ander restaurant. En aan de bedragen te zien had hij niet in zijn eentje gegeten.
Hij zou dus wel ergens in een hotel in Gelderland zitten. Alsof ze daar het geld voor hadden… Het saldo onderaan was nu al negatief, daar kwamen straks de hotelkosten van het verblijf ook nog bij.
En hij verbleef daar zeer waarschijnlijk niet alleen.
Ze logde uit en sloot daarna de laptop af. Ze deed haar ogen dicht en zuchtte. Wat ze had gezien, versterkte haar voornemen om te scheiden. Maar wat was het toch akelig allemaal!
De piep van de wasmachine beneden dat het programma afgelopen was, haalde haar uit haar gedachten. Ze liep de trap af, haalde de was uit de machine in de bijkeuken, zette een nieuwe was aan en liep naar de tuin om de was op te hangen.
Terug in de keuken zocht ze in de diepvries naar een maaltijd voor tussen de middag. Ze had vandaag een late dienst, en dan at ze meestal warm tussen de middag en nam ze brood mee voor ’s avonds op het werk. Ze koos voor een portie lasagne, en zette het doosje alvast op het aanrecht om te ontdooien. Daarna maakte ze een kop koffie voor zichzelf, en liep ermee naar de kamer. Haar telefoon, die op de eettafel lag, piepte dat er een inkomend bericht was. Ze pakte hem snel op en keek op de display: bericht van Evert!
Ik kom vanmiddag weer naar huis.
Meer niet.
Ze appte meteen terug: Ik heb een late dienst vandaag, hoop om halfelf thuis te zijn.
Er verschenen meteen twee blauwe vinkjes, maar hij reageerde niet meer.
Als Evert weer naar huis kwam, moest ze het bed op de logeerkamer maar eens verschonen, schoot het door haar heen. Dat had ze voor het laatst gedaan toen Gerda de laatste keer op bezoek kwam, en daarna had Evert er steeds op geslapen.
Ze liep naar boven, haalde het bed af en zette meteen het raam wijd open, zodat het wat kon luchten in de kamer. Wacht, ze zou de kamer meteen een goede beurt geven, op de grond lagen nog kruimels van de diverse keren dat Evert daar ontbeten had.
De rest van de ochtend was ze bezig met de logeerkamer en de was. Het verzette haar gedachten. Na de lunch vouwde ze de rest van de was op, het was allemaal snel droog geweest vandaag. Ze had een voldaan gevoel toen ze alles in de kasten wegborg.
Om kwart over twee moest ze weg, maar ze wilde om twee uur toch nog even op de site van de bank kijken, Evert zou nu wel uitgecheckt hebben.
Hij had die dagen inderdaad in een hotel doorgebracht, totaalkosten 365,95 euro… Francien keek naar het negatieve saldo onder de streep: 742,63 euro. Daar ging haar vakantiegeld… Wat had ze daarmee ook alweer willen doen? O ja, die laatste twee termijnen van de lening van Evert afbetalen.
Ze zuchtte. Hoe moest Evert het financieel redden zonder haar inkomen?
Nou ja, dat was straks haar zorg niet meer. Al voelde ze zich meteen schuldig toen die gedachte door haar heen ging.
Ze fietste in een rustig tempo naar haar werk. Ze had er zin in, en verheugde zich op het weerzien met haar team en de bewoners.
Josien wachtte haar op. ‘Hoe is het?’ vroeg ze. ‘Fijne week gehad?’
‘Heerlijk!’ zei Francien. ‘Dankzij jou. Het was fijn om even afstand te kunnen nemen.’
Na de overdracht van de belangrijkste zaken zei Josien: ‘Je kunt meteen aan de slag. Over een kwartier krijgen we een nieuwe bewoonster, mevrouw De Haan. Ze krijgt kamer 34. Je kent de procedure. Wil jij haar en de familie opvangen en wegwijs maken?’
Francien knikte. Dit was werk dat haar lag, hier lag haar hart.
Even schoot het voorstel van Kristel door haar hoofd. Als ze naar België zou verhuizen, zou ze daar vast wel aan de slag kunnen als ziekenverzorgster, maar of ze dan zo’n fijn team als hier zou treffen?
Ze schudde haar hoofd. Het was maar een voorstel van Kristel. Maar toch bleef het idee op de achtergrond hangen.
[wordt vervolgd