Barnevelder Robert Paunovic: ,,Geweld werd goed gepraat door te zeggen dat dat gebeurde omdat er zo van ons gehouden werd.”
Barnevelder Robert Paunovic: ,,Geweld werd goed gepraat door te zeggen dat dat gebeurde omdat er zo van ons gehouden werd.” © Elles Tuhusula

'Levens zijn verwoest, daar moet [erkenning voor komen”

17 april 2026 om 13:14

Robert Paunovic heeft het in de eerste jaren van zijn leven niet gemakkelijk gehad. Zijn moeder kon door psychische problemen niet voor hem zorgen en zijn vader was buiten beeld vanwege carrièrekeuzes. Gevolg was dat hij op achtjarige leeftijd in een kindertehuis in Amsterdam werd geplaatst en later op negenjarige leeftijd verhuisde naar een pleeggezin in De Glind.

Paunovic kwam terecht bij een pleegvader van destijds 29 jaar en een pleegmoeder van 23 jaar. ,,Behalve scoutingervaring en tijdelijke logeeropvang gedurende een zomervakantie, hadden zij nog geen ervaring in de omgang met kinderen”, vertelt hij. ,,Naast mij vingen zij nog drie andere jongens op, allemaal in de leeftijd van acht tot twaalf jaar. Het geweld begon vrijwel meteen: slaan en schoppen. Ook werd je onnodig wakker gemaakt als je al uren sliep.” 

Als er al redenen voor het geweld waren, kan Paunovic die tientallen jaren later in ieder geval niet benoemen. ,,We waren jong, beginnende pubers. Er werd weleens niet geluisterd, geklierd. Vooral mijn pleegvader kon daar niet mee omgaan en werd erg agressief. Ik denk dat mijn pleegmoeder van nature niet gewelddadig is, maar in zijn slipstream ging ze er in mindere mate wel in mee. Het geweld kon lang doorgaan, omdat de een de ander ook niet corrigeerde. En het gebeurde alleen achter de voordeur, uit het zicht.”  

Vooral die eerste jaren in De Glind waren eenzaam voor Paunovic. ,,Ik vond steun bij mijn pleegbroertjes, maar we waren allemaal te jong om verandering in de situatie te brengen.”


KAMPEERVAKANTIES De kampeervakanties van het pleeggezin staan Paunovic nog helder voor de geest. ,,Het was bijzonder dat onze pleegouders met ons op kampeervakantie gingen en dat we niet naar een logeerhuis werden gestuurd. Dat kregen wij vaak te horen. Helaas was het geweld op zo’n camping in Frankrijk of België vaak wel het hevigst.”  

,, Destijds was een corrigerende tik algemeen geaccepteerd, in opvoeding en zelfs in het onderwijs

Met name één vakantie staat Paunovic helder bij. ,,Mijn oudste pleegbroer kreeg het goed te verduren. De beelden van de klappen en trappen die hij kreeg zullen mij voor altijd bijblijven. Geweld werd goed gepraat door te zeggen dat dat gebeurde omdat er zo van ons gehouden werd.”  

Zelf heeft Paunovic het ook regelmatig flink te verduren gehad tijdens zomervakanties. ,,Als speler van de voetbalvereniging in de De Glind brak ik een keer mijn been tijdens een voetbalwedstrijd in Amersfoort. Dat jaar in de zomer daarna gingen we op vakantie naar Frankrijk. Mijn pleegvader liet al langer blijken dat hij vond dat ik niet snel genoeg revalideerde. Tijdens een wandeling liep hij achter mij en hij ergerde zich eraan dat ik niet snel genoeg liep, of dat ik niet goed liep. Zijn irritaties leidden ertoe dat hij mij begon te schoppen tijdens het lopen. Bizar natuurlijk.”


MELDINGEN Een keer per halfjaar de ontwikkeling van pleegkinderen door een zorgteam besproken. Dan kwam er iemand langs bij het pleeggezin van Paunovic voor een evaluatie. ,,Over het geweld werd niet gesproken. Niets werd opgenomen in de rapportages. Als je een klacht hebt, dan kun je je melden bij het hoofdgebouw aan de Postweg 80, kregen wij te horen. Maar dat deed je niet als kind, want was je was bang voor wraak of overplaatsing. Ook mijn pleegvader zei dat ik daar naartoe moest gaan als ik problemen had met zijn manier van doen. Het klinkt gek, maar ondanks het geweld voelde ik toch loyaliteit jegens mijn pleegouders. Dat is kindeigen, weet ik inmiddels.” 

Zijn biologische vader kwam Paunovic eenmaal per maand ophalen voor een leuk dagje uit. ,,Dan bezochten we mijn moeder meestal en gingen we leuke dingen doen. Ik keek daar altijd erg naar uit.”  Het moment dat zijn vader hem terugbracht, was daarentegen minder leuk. ,,Meestal moest ik huilen in de auto. Vaak vertelde ik hem ook wat mij en mijn pleegbroertjes werd aangedaan. Hij deed het af als corrigerende tikken. Wat natuurlijk onzin was.”  

De houding van zijn vader viel Paunovic zwaar. Gevoelens van eenzaamheid waren op die momenten misschien wel het grootst. Toch is hij dertig jaar later mild in zijn oordeel over hem. ,,Destijds was een corrigerende tik algemeen geaccepteerd, in opvoeding en zelfs in het onderwijs. Het waren echt andere tijden. Nu weet ik dat het geweld in De Glind buiten alle proporties was.”


RUSTIGE JAREN De mishandelingen hielden op rond zijn 13de jaar. ,,Fysiek gezien konden ikzelf en mijn pleegbroertjes iets tegenover mijn pleegvader zetten. Ik denk dat het vooral daardoor ophield. Ook werden we mondiger en de samenstelling van het pleeggezin veranderde: er kwamen twee meisjes bij.”  

Relatief rustige jaren braken aan. Paunovic rondde het VWO af op het Johannes Fontanus College (JFC) in Barneveld en ging op zijn achttiende studeren aan de HEAO in Arnhem. Zijn pleegouders verhuisden met een pleegzusje naar Ede en Paunovic verhuisde mee.  Arnhem is vanuit Ede goed bereikbaar met het openbaar vervoer. Nog zo’n twee jaar bleef hij bij zijn pleegouders wonen. Waarom hij aan het begin van zijn studietijd niet direct vertrok? ,,Zoals ik al eerder zei: ik had door de jaren heen flink wat loyaliteit opgebouwd voor hen. Bovendien was het geweld al een aantal jaren daarvoor gestopt. De noodzaak om zo snel mogelijk te vertrekken was er voor mij niet meer.” 

Toen hij twee jaar later wel op zichzelf ging wonen, begon Paunovic aan het opbouwen van een eigen leven. Hij rondde zijn studie af, ontmoette de vrouw met wie hij nog steeds getrouwd is en met wie hij in Arnhem ging wonen. Daar begon het stel een gezin: ze hebben samen drie kinderen. “We bleven in Arnhem tot we in 2019 naar De Glind verhuisden om zelf een gezinshuis tijdelijke opvang te vormen voor kinderen die logeeropvang nodig hadden.”


TERUG NAAR DE GLIND Van 2019 tot 2024, het jaar waarin Paunovic met zijn gezin naar De Glind verhuisde, stelde hij samen met zijn gezin in de weekenden zijn woning open voor pleegkinderen. ,,Ik werkte toen al een jaren in de ICT en werd onbetaald vrijwilliger in de Glind. Mijn vrouw was in loondienst. Hard werken en dan op vrijdagmiddag twee tot vijf kinderen ontvangen voor het weekend en later ook de gehele zomervakantie, waardoor het gezin zelf buiten de normale vakantie op vakantie ging. Pittig soms, maar het voelde goed om als zorgprofessional terug te keren naar De Glind om iets goeds te doen.” 

Ondanks de jaren van geweld en mishandeling, heeft hij ook goede herinneringen aan het dorp en zijn inwoners. ,,De saamhorigheid was groot. Ik heb heel veel fijne mensen leren kennen in De Glind. Nog steeds kom ik er graag en regelmatig. De voetbalclub, mijn jaren op het JFC: ik kijk er met plezier op terug. Dit spreek ik uit, terwijl ik weet dat veel voormalig pleegkinderen voor geen goud meer terug willen keren naar De Glind vanwege de misstanden die ook zij hebben meegemaakt en terecht.” 

Begin dit jaar verscheen het onderzoeksrapport ‘Explosieve Ervaringen’ waarin decennia van misstanden in De Glind beschreven zijn. Paunovic maakte, samen met enkele andere oud-slachtoffers, deel uit van de klankbordgroep. ,,Ik ken veel mensen die veel zwaarder geweld en misbruik dan ik hebben moeten ondergaan, waaronder seksueel misbruik. Nu het rapport is gepubliceerd en mijn rol als klankbordlid is gestopt, wil ik me inzetten voor slachtoffers en verbeteringen in de jeugdzorg in De Glind.” 


TWEELEDIGE MISSIE De missie van Paunovic is tweeledig. Allereerst moeten nu en in de toekomst pleegkinderen in De Glind veilig en menselijk worden opgevangen. ,,Want nog steeds gaat het fout. Recent nog is een pleegvader uit De Glind verwijderd. Kinderen die aan zijn zorg waren overgeleverd, hadden soa-klachten. Die man is daarna elders in het basisonderwijs gaan werken. Dat is toch absurd? Als een medewerker in de reguliere kinderopvang of onderwijs zich schuldig maakt aan geweld of misbruik, wordt diegene absoluut strafrechtelijk vervolgd. Dat hij of zij na het misbruik in een nieuwe baan opnieuw aan het werk gaat met kinderen is helemaal ondenkbaar.” 

Volgens de Barnevelder is er een rode draad te zien in de nasleep van dit soort ernstige incidenten. ,,Wat je telkens ziet, is dat organisaties misstanden binnenshuis willen houden. Terwijl juist externe en daarmee onafhankelijke partijen controlerende functies uit zouden moeten voeren.” 

Volgens Paunovic hebben de betrokken organisaties, de Rudolphstichting in De Glind en het landelijke Pluryn, kleine stappen gezet. ,,Ik denk dat de jeugdzorg verbeterd is in vergelijking met vroeger. Zo mogen kinderen nu zelf een vertrouwenspersoon aanwijzen in plaats van dat zij er een krijgen toegewezen. Stappen zijn gemaakt, maar nog altijd is er geen sprake van volledige transparantie rondom de misstanden. Zo is het digitale archief van het jaar 2000 tot heden niet onderzocht. Slachtoffers mogen hun verhaal al jaren doen, ook voor het onderzoek, maar een pakket ter genoegdoening en eerherstel is er helaas tot op heden niet gekomen. Dat is een kwalijke zaak.”


HOOPVOLLE GESPREKKEN Daarmee is het tweede deel van Paunovic' persoonlijke missie benoemd: gerechtigheid voor slachtoffers, ook voor degenen die misbruik vele jaren geleden hebben moeten ondergaan. ,,Ik heb hier veel over gesproken met de directeuren Henk Jonker van de Rudolphstichting en Eddy van Doorn van Pluryn. De eerste gesprekken vond ik hoopvol. Het leek er echt op dat zij de onder andere de noodzaak van financiële compensatie voor slachtoffers inzagen. Helaas moet ik constateren dat hun visie is bijgesteld, waarbij ze in mijn ogen onredelijke argumenten gebruiken.” 

Volgens Paunovic wordt momenteel enkel de nadruk gelegd op heden en toekomst. ,,Dat spreken de directeuren uit: nu en in de jaren die komen mag dit nooit meer gebeuren. En daar is iedereen het ook over eens. Maar dat betekent niet dat niet meer mag worden omgekeken naar bestaande slachtoffers. Ik heb te horen gekregen dat het financieel niet te dragen is om alle slachtoffers te compenseren, en dat dit zelfs ten koste zou gaan van de pleegkinderen van nu. Dat vind ik werkelijk waar bizarre argumentatie: alsof ik met mijn inzet voor de slachtoffers pleegkinderen nu tekort zou doen.” 

Volgens Paunovic is het cruciaal dat op zijn minst gesproken wordt over genoegdoening voor de slachtoffers. ,,Levens zijn compleet verwoest. In dat opzicht kun je volgens mij een parallel trekken met de Toeslagenaffaire. Het gaat moeizaam, maar voor de mensen die daarin zijn benadeeld komt er uiteindelijk toch ook compensatie.” 


SCHONE LEI Paunovic komt nog regelmatig in De Glind. Zo gaat volgende maand het zwembad weer open en staat hij dan weer geregeld langs de kant als vrijwillige badmeester. ,,Ik ken daar heel veel mensen, jong en oud. Bijna iedereen die ik spreek, vindt het vervelend hoe De Glind nu bekend komt te staan. Iedereen wil weer met een schone lei beginnen. Maar de mensen die zeggen: streep onder het verleden, dat is geweest en daar moeten we aan voorbijgaan, die kan ik echt niet begrijpen. Die houding is gemakkelijk als je het geweld en misbruik zelf niet hebt meegemaakt. Als De Glind écht opnieuw wil beginnen, zal minstens gesproken moeten worden over hoe recht kan worden gedaan aan de vele slachtoffers uit het verleden. Tot dat moment zal de lei nooit helemaal schoon zijn.”