
Uniformpetten van [koninklijke allure]
1 maart 2022 om 10:55Vroeger verschenen we als Jan met de pet of in voller ornaat op straat, in een tenue waaraan niet zelden je rang of stand werd afgemeten. De veldwachter droeg een uniform, compleet met sabel en pet; de huzaar droeg een hoofddeksel van zwart bont, de kolbak geheten. Heren van stand – van dominee tot doodgraver – droegen een hoge zwarte hoed. De chauffeur van bus en taxi, de postbode, de gasmeter, de bestuurder van de rondvaartboot en de pompbediende; zij allen droegen een pet. Nu zijn de hoofdzaken danig veranderd. De politie draagt stoere blauwe baseballcaps. In het openbaar gaan de meeste mensen blootshoofds. De sabels zijn verwezen naar het museum. In onze vrije tijd dragen we dan wel mutsen en petten, maar die zijn van een comfortabele snit, we hebben ze op bij sportieve activiteiten, tegen de kou of tegen de zon.
KONING Toch zijn uniformpetten niet tussen de mottenballen verdwenen. Nog altijd worden ze voor officiële aangelegenheden uit de kast gehaald. Zelfs de kolbak is nog onderdeel van het ceremonieel tenue van de regimenten huzaren van de Koninklijke Landmacht en het ceremonieel tenue van de Gele Rijders. Fanfarekorpsen en eregardisten dragen kolbakken, al dan niet met een waaierende pluim of een frisgekleurde pompoen.
Mensen fronsen verbaasd hun wenkbrauwen als ze horen dat de officiële petten van koning Willem-Alexander in Nijkerk worden gemaakt. „Het is toch heus waar”, glimlacht Paul van den Heuvel, directeur van Integrated Sports B.V / Uniformpettenfabriek Hassing. Hij wijst op de pettenparade die in de ontvangstruimte van Hassing staat opgesteld. Petten voor kopstukken van defensie en politie. Blauw en groen, met glimmende lakkleppen en vergulde biezen, linten en strikken. „Hoe meer versierselen en emblemen, hoe hoger geplaatst”, licht Van den Heuvel toe.
De nieuwe petten voor Zijne Majesteit ten behoeve van de troonswisseling in 2013 zijn hier in Nijkerk aangemeten. „We voorzien het Oranjehuis al heel lang van petten. En daarin zijn we best wel uniek. Overigens is van alle rangen en standen bij ons bekend hoe de pet eruit ziet en gemaakt moet worden. We beschikken over de patronen van alle maten.”
SABEL In de entree van Hassing is de geschiedenis van het bedrijf op mooi foto behang verwerkt, met in het midden de foto van koning Willem-Alexander met ceremoniële pet. In de hoek staan een paar naaimachines uit vervlogen tijden. Op een document uit 1922 valt te lezen dat A. Hassing te Amersfoort adverteert als ‘Rijksleverancier, als Fabriek van Uniformpetten en Militaire Equipementstukken'. Hassing maakte destijds bijvoorbeeld een ‘draagriemenstel legermodel met sabeldrager, prima bruin of zwart leder, voor 7 gulden'. Van den Heuvel laat een ‘vernikkelde’ sabel zien met een inscriptie van Hassing. Voor een lus voor handboeien en riem voor revolver kon je toen ook bij Hassing terecht. En 2,90 gulden telde je neer voor een ‘elektrische lantaarn, speciaal geschikt voor de nachtdienst'. Reclame luidde als volgt: ‘Onze uniformen zijn van onberispelijke coupe, worden van prima Lakens, Voerings enz. vervaardigd en zijn laag van prijs'.
NIJKERK Wie hoofdbedekkingen vervaardigt, moet op de hoogte zijn van trends en ontwikkelingen in de textielbranche, zegt Van den Heuvel (52). Hij kwam 25 jaar geleden bij Integrated Sports / Hassing werken toen het bedrijf nog in Amersfoort, aan de Textielweg, was gevestigd. Oude papieren laten zien dat Anthonius Hassing in 1894 in Nijkerk de fabriek voor uniformen en uniformpetten oprichtte. Vandaar verhuisde het bedrijf naar Purmerend, vervolgens naar Amsterdam en naar Amersfoort, waar het vele jaren bleef.
„We waren 65 jaar gevestigd aan de Textielweg in een gebouw dat op het laatst eigenlijk niet meer van deze tijd was. We konden het verkopen aan onze buren, machinefabriek Goedhals. Na de verkoop hebben we een tussenjaar in Hoevelaken, aan de Wel gezeten. Onze nieuwbouw werd vertraagd door het faillissement van de vorige aannemer. In 2007 betrokken we ons nieuwe pand aan de Melkrijder. Het is gebouwd volgens hedendaagse duurzame normen; en het pand is volledig voorzien van ledverlichting en andere energiebesparende maatregelen.”
TUNESIË Tegenwoordig is Hassing in Nijkerk min of meer een „bemonsteringsatelier”, vertelt Van den Heuvel. „Hier worden nog kleine spoedbestellingen en alle voorbeelden (samples) gemaakt en wordt het bestek uitgewerkt. Daarna gaat dat als een handboek naar onze eigen fabriek in Tunesië, waar nog zo’n kleine honderd werknemers productie maken.”
In het Noord-Afrikaanse land is textiel nog een heus vak, een ambacht, en kunnen ze als de beste met de naaimachine overweg. „Als je in Nederland de opleiding confectie doet, kun je ontwerpen en inkopen, maar leer je steeds minder met de naaimachine omgaan. En als je dit wel kunt, ga je in de haute couture in Parijs of Milaan, want dat levert meer aanzien op”, aldus Van den Heuvel. Dat de lonen in Tunesië lager zijn dan in Nederland, is een prettige bijkomstigheid. Geregeld rijdt er een vrachtwagen heen en weer naar Tunesië om bestellingen op te halen. „We zijn niet afhankelijk van boot of vliegtuig. In coronatijd is dat wel zo fijn, aangezien de prijzen voor het vervoer per container bijna zijn vertienvoudigd.”
IN DE PRIJZEN Hassing heeft twee bedrijfstakken: naast de Uniformpettenfabriek Hassing is er Integrated Sports BV. Eind 2020 won Integrated Sports de Koopwijsprijs. Integrated Sports verkreeg die voor een opdracht met het meest duurzame voorstel voor de leverantie van onder andere 10.000 jassen, 14.000 broeken en 20.000 overhemden voor de Nederlandse marine. „De productie in Tunesië is zo energieneutraal mogelijk gemaakt. Integrated Sports was niet de goedkoopste, maar won door de combinatie van duurzaamheid met behoud van de gestelde kwaliteit.”
Een jaar eerder, in 2019, werd Hassing hofleverancier ter gelegenheid van het 125-jarige bestaan. „Dit predicaat krijg je als het ware 25 jaar te leen. Daarna wordt het bedrijf weer volledig gescreend en dat is best spannend. Als hofleverancier mag er geen enkel smetje op je blazoen kleven.”
MACHINES Op het bedrijf in Nijkerk werken veertien medewerkers. Een van hen is Inge – al langer dan veertig jaar werkzaam bij Hassing - die haar hand niet omdraait voor een ‘moeilijke’ pet. Ze kent de kneepjes van het vak als geen ander. De verschillende naaimachines bieden voor haar geen geheimen. Sommige van die machines komen naar menselijke maatstaven bekeken uit de prehistorie, maar bewijzen nog steeds uitstekende diensten. Van den Heuvel wijst op de Reece-knopenmachine, „nog steeds de Rolls-Royce onder deze machines. En kijk eens hier: onze persmachine, bedoeld om de petten mooi glad te strijken. Speciaal en uniek gemaakt voor Hassing.”
Qua personeel wil Hassing verjongen. Zo heeft de fabriek momenteel twee vacatures voor hbo’ers textielkunde uitstaan. „Hbo’ers van nu zijn digitaal vaardiger en krijgen tijdens hun opleiding veel meer mee over het recyclingproces. Voor ons is dat precies waar wij behoefte aan hebben om nog meer stappen te kunnen blijven maken.”
NIEUWE MARKTEN Aan de horizon ziet Van den Heuvel nieuwe markten opdoemen, met name in Scandinavië. De toenemende eisen qua duurzaamheid vat hij op als een kans. „Je wilt je onderscheiden van de massamarkt uit het Verre Oosten, waar vaak alleen de prijs leidend is.” Recent plaatste de Duitse politie een bestelling van duizenden nieuwe petten. Ook fanfarekorpsen kloppen voor hun speciale kolbakken bij Hassing aan. Inge wijst op een kleurrijk rood-wit exemplaar uit Zwitserland. Ze draait de kolbak op z’n kop: de binnenkant is bekleed met leer. Dat vraagt honderd procent expertise.
Als het aan Hassing ligt, blijven ze petten maken. Van den Heuvel: „Hoofdbedekking zal altijd blijven bestaan, voor functionele beschermende doeleinden, in de mode, voor herkenbaarheid in de geüniformeerde markten en voor hygiëne in de foodsector.”
VERTROUWEN De fabriek wist coronatijd tot dusver „redelijk” door te komen, „al hadden we er een harde dobber aan en is de markt danig op z'n kop gezet”, zegt Van den Heuvel. „Onze productie werd door de pandemie van de ene op de andere dag stilgelegd, maar we hadden uiteindelijk toch nog het geluk dat we na zes weken weer open mochten, omdat we voor de eerstelijnshulpdiensten werken.”
De toekomst van Hassing blikt hij vol vertrouwen tegemoet. „Door de twee moeilijke coronajaren verleggen steeds meer klanten hun focus naar de regio. Corona heeft laten zien dat de aanvoer van producten, bijvoorbeeld vanuit China, opeens kan stagneren. Verder zijn de brandstofprijzen voor transport enorm gestegen. Voor een bestelling van petten of broeken hoef je dus niet naar China. Daarvoor kun je ook heel goed bij ons in Nijkerk terecht.”




