Links de wagenmakerij van Gijsbert Vlastuin op een met de hand ingekleurde prentbriefkaart.
Links de wagenmakerij van Gijsbert Vlastuin op een met de hand ingekleurde prentbriefkaart. Gemeentearchief Barneveld

[De slijterij van Erkens] en de wagenmakerij van Vlastuin

In het midden van de vandaag genoemde twee panden loopt de Erkensgang, ooit Vlastuinsgang die de passant van de Langstraat naar het Gowthorpeplein voert. Die naam dankt de ‘gang’ of ‘steeg’ aan de eigenaren van de links daarvan gelegen slijterij. 

In de stratenatlas kreeg het nummer 88 en 89, want eigenlijk was er sprake van twee, zelfs drie panden als je het kleine, zogenaamde ‘pothuisje’ aan de linkerkant meerekent. Zo’n uiterst smal huisje werd in het verleden vaak als werkplaatsje, bijvoorbeeld voor een schoenmaker, gebruikt. Op de tekening in de stratenatlas is duidelijk te zien dat er nog een zoldertje geweest moet zijn, mogelijk een slaapplaats. In het linker gedeelte van de vroegere kruidenierswinkel, annex slijterij was vroeger café 'Het Centrum' gevestigd. Het uithangbord waarop de naam van het etablissement stond, kon je boven de deur zien hangen.


‘HET CENTRUM’ De afzonderlijke bewoningsgeschiedenis van het linker gedeelte van slijterij Erkens, het vroegere Bondscafé ‘Het Centrum’, begon volgens wat mijn gegevens vermelden, in 1850 toen timmerman Barend de Bruiner er nog woonde. Zijn naam komt echter al voor in het register op de patentschuldigen. Barend woonde er mogelijk al in 1812 als ‘charpentier’ of in gewoon Nederlands als timmerman. Hij was ook koopman in hout, kroeghouder en winkelier in tabak. Hij overleed, 81 jaar, op 14 december 1854. In 1895 woonde koopman Frits Bos in dit pand. Hij trouwde op 3 januari 1896 in De Bilt met Gijsje Polman. Frits was een zoon van winkelier Dirk Bos en Cornelisje Schouten. Mogelijk had Frits’ vader hier al een winkel. Het was bekend dat Frits zijn klompen altijd keurig buiten zette alvorens naar binnen te gaan! Wanneer Bernardus Jozeph Erkens (1888-1963) er zijn café ‘Het Centrum’ officieel in vestigde, weet ik helaas niet, wel dat zowel het café als de kruidenierswinkel, annex slijterij in 1939 in één hand waren. Tussen de winkel en het café was een doorgang gecreëerd, zodat de tapper snel als winkelier kon optreden. Bernardus Erkens - ‘Aarkes’, noemden de Barnevelders hem, verkocht kruidenierswaren, had een zaadhandel en een slijterij en trad af en toe op als makelaar. Daarnaast was hij voorzitter van de rooms-katholieke kiesvereniging in Barneveld en raadslid voor de KVP. Hij zou op 17 mei 1963 overlijden. Later werd hier de naaimachinehandel van Huissteden in gevestigd.


‘DE HEESCHE BOER’ In een oude akte, opgemaakte in de periode 1798-1807, las ik eens dat dit pand ‘De Heesche Boer’ werd genoemd. Dat zou er mogelijk op kunnen wijzen dat dit vroeger een dorpsboerderij is geweest. Uit de naam Heesch zou je kunnen opmaken dat er ooit een landbouwer uit die Noord-Brabantse gemeente in de Peelrand naar Barneveld moet zijn verhuisd. De vermelding van deze bijzondere huisnaam staat vermeld in de periode 1798-1807, toen de weduwe Gerrit Willemsen in het pand woonde. 

Terug naar 1705. Toen woonde Aelbert Janssen op deze plek en vanaf 1727 tot 1744 zijn weduwe. Van 1747 tot 1750 werd het pand bewoond door timmerman Steven van Spanckeren en vervolgens van 1750 tot 1759 Bessel Otten. Daarna woont een jaar lang molenaar Claas Snoekeveld van de verder op staande Oostermolen in de latere slijterij en kruidenierswinkel. Deze werd geëxploiteerd door Johannes Jozeph Erkens (1875-1940), een kind uit het eerste huwelijk van Everardus Erkens en Maria Catharina te Passe. Vader Everardus stond bekend om de grappige wijze van klanten bedienen, meestal met een rijmpje. Bijvoorbeeld, een pakje of ons zware pruimtabak werd gegeven met de woorden: ‘Hierzo kleine wicht, een onsje van Mastrigt’. In de nu nog aanwezige kelder onder de verhoogde etalage werd onder andere stokvis en azijn bewaard. Later zou het een wijnkelder worden, waar ik met veel genoegen ooit eens een wijncursus heb mogen volgen. Daarna werd de zaak, later alleen een slijterij, overgenomen door Everard Johannes Erkens, de vader van de huidige eigenaar.


ERKENSGANG Tussen de slijterij en het volgende pand lag decennialang een soort pleintje met daarachter een loods. Die behoorde vroeger tot de wagenmakerij van Vlastuin. Later was het een soort opslagruimte van sigarenwinkelier Schut, die zijn zaak op de hoek van de Schoutenstraat en de Kallenbroekerweg had, en vervolgens een videotheek. Rechts was ooit de slagerij van Wijngaards gevestigd en daarna automatiek 'De Straaljager' van De Jonge, later Ab Schut. Voordat het pand gedeeltelijk afbrandde, waren er nog een bloemenzaak, een voor kinderkleding en een cadeauzaak in gevestigd. Erkensgang werd later smaller en er verrees een appartementencomplex met winkels daaronder.


WAGENMAKERIJ VLASTUIN De wagenmakerij van Vlastuin was ten tijde van de opheffing al zo’n tweehonderd jaar oud. De eerste vermelding in het register op de patentplichtigen dateert uit 1812, maar uit andere bronnen blijkt dat het bedrijf al eind achttiende eeuw bestond. In 1749 woonde de rademaker Willem Toonen op het adres aan de Langstraat, zodat in elk geval kan worden gesteld dat er op die plek een kleine twee eeuwen wielen en wagens zijn gebouwd. De op 6 oktober 1748 in Woudenberg gedoopte Gijsbert Vlastuin kreeg in 1812 officieel zijn patent als ‘charron’ of wagenmaker. Hij overleed twee jaar later. Zijn zoon Willem (1782-1848) volgde hem als wagenmaker op en zou het vak tot aan zijn overlijden blijven uitoefenen. Bij zijn overlijden stond overigens ‘kuiper’ als beroep vermeld! De kinderen van de overledenen zetten de zaak voort en in 1918 komt er opnieuw een Gijsbert Vlastuin als wagenmaker in Barneveld voor. Hij vroeg in 1928 een Hinderwetvergunning (nr. 311) aan om een lintzaagmachine in gebruik te mogen nemen. Voor zover bekend is dat de enige Hinderwetvergunning gebleven. Daaruit mag worden opgemaakt dat vrijwel alles dat er werd vervaardigd handarbeid is geweest.


‘AART TUF’ Ook deze wagenmakerij zou later in andere handen overgaan. In 1938 stond er in het briefhoofd van de desbetreffende onderneming te lezen ‘A. van den Brink v.h. G. Vlastuin, electrische wagenmakerij’. Als ‘Van den Brink, electrische wagen- en carrosseriebouw’ moet het bedrijf nog tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw hebben bestaan. Wie vroeger naar Wie naar Van den Brink vroeg, kreeg meestal tot antwoord: ,,Oh, Aart Tuf? Die zit op de hoek van Arkesgang”. De wagenmakerij schakelde met de afname van paardentractie om op de ombouw van oude A- en T-Fordjes. Dat gebeurde ook nog in de jaren vijftig; de achterkant  werd er dan vanaf gezaagd en er werd een laadbakje gemonteerd. De voertuigen waren zeer in trek bij de boeren in de omgeving.


SLAGERIJ WIJNGAARDS Twee zonen uit het huwelijk van Nicolaas Frederik Wijngaards (1836-1918) en Catharina Erkens (1847-1927) kozen voor het slagersvak. Dat waren Nicolaas Frederik Jozef (Nic) (1874-1949) en de in 1889 in Barneveld geboren Adriaan Jozef. Nic trouwde in 1903 met Johanna Wielens en zijn broer in 1933 in Ede met Elisabeth Jacoba Florijn. Beide broers waren zowel rund- als varkensslager en hadden hun winkel aan het begin van de Wilhelminastraat, in het eerste stukje panden na de kruidenierswinkel ‘De Kroon’ van Meulenkamp. Daar moet Nic in oktober 1893 met een slagerij zijn begonnen, terwijl zijn broer Adriaan in september 1911 er met het slachten en de verkoop van vlees en vleeswaren begon. Het adres luidde destijds Wilhelminastraat 245. In februari 1903 moet de slagerij van Nic Wijngaards al naar een nieuwe winkel aan de Langstraat zijn verhuisd, ‘naast wagenmaker Vlastuin’ stond er in de Barneveldsche Courant en in 1949 luidde het adres: Langstraat 76. 

Nic. Wijngaards deed medio april 1954 zijn slagerij over aan Paardenslagerij 'De Combinatie'. Zelf begon hij in zijn voormalige slagerij een snackbar die hij, heel modern voor die tijd, 'De Straaljager' noemde. Die snackbar werd later overgenomen door de heer De Jonge van het restaurant er schuin tegenover. Je kon er allerlei snacks ‘uit de muur trekken’, zoals kroketten, bami- en nasischijven, gehaktballen en andere cholesterol verhogende lekkernijen. Ab Schut vertrok later naar de voormalige rijwielzaak van Van de Kieft, tegenover de Rooms-Katholieke Kerk. Tegenwoordig kun je op deze plek de schoenenzaak van Ziengs aantreffen.

De werkzaamheden bij wagenmakerij Vlastuin werden zo nodig ook op straat uitgevoerd.
De oude schuur van wagenmakerij Vlastuin was later in gebruik bij sigarenhandelaar Schut en bood ooit onderdak aan Barnevelds eerste videotheek.
Het personeel van slagerij Wijngaards poseert met twee ‘paaskoeien’ voor de slagerij. Van links naar rechts: slagersknecht Ad Rusink, Hendrika de Jonge-Wijngaards, Hans de Jonge, slager Nic Wijngaards jr en in de deuropening Jannie Schuurman.
Een van de door Erkens verkochte jenevermerken was ‘Kabouter’ van Herman Jansen uit Schiedam.
Everhardus Erkens (1837-1912), gefotografeerd door Job Haanschoten.
Een oude foto van het pand van de kruidenierswinkel annex slijterij van Erkens, met links daarvan het zogenaamde ‘pothuisje’.