Een Afghaanse veiligheidsman in Kandahar.
Een Afghaanse veiligheidsman in Kandahar. Epa/jalil Rezayee

Taliban veroveren nog twee steden

Opmars extremisten in Afghanistan voortgezet

KUNDUZ (ANP/AFP) De Taliban hebben in Afghanistan opnieuw twee provinciehoofdsteden veroverd. Ze liepen volgens Afghaanse functionarissen de noordelijke steden Kunduz en Sar-e Pol in gelijknamige provincies onder de voet. Dat betekent dat de moslimextremisten in drie dagen tijd vier hoofdsteden van provincies in handen hebben gekregen.


In Kunduz was zondag melding gemaakt van zware straatgevechten. Lokale functionarissen bevestigden later dat de Taliban vrijwel alle belangrijke overheidsgebouwen controleren. Een lid van de provincieraad vertelde persbureau DPA dat lokale bestuurders naar het vliegveld zijn gevlucht. Dat zou nog wel in handen zijn van veiligheidstroepen. De Taliban liepen Kunduz ook in 2015 en 2016 onder de voet, maar wisten de stad nooit lang vast te houden.

Ook in Sar-e Pol trokken de Taliban het centrum van de stad binnen. Ze hebben volgens lokale functionarissen onder meer het kantoor van de gouverneur en het hoofdkantoor van de politie bezet. ,,De Taliban hebben een bataljon van het leger omsingeld aan de buitenrand van de stad. Alle andere stadsdelen zijn in handen van de Taliban", zei een lid van de provincieraad.

De moslimextremisten zijn bezig aan een opmars nu internationale troepen na twee decennia vertrekken uit Afghanistan. De Taliban hebben de afgelopen dagen twee andere provinciehoofdsteden ingenomen. Ze liepen vrijdag Zaranj onder de voet in het zuidwesten van Afghanistan en een dag later Sjeberghan, in het noorden van het land.

De Taliban heersten in de jaren negentig al over een groot deel van het land. Hun regime kwam ten val toen de VS binnenvielen na de terreuraanslagen op Amerikaans grondgebied van 11 september 2001. De Taliban voerden de afgelopen twintig jaar een guerrillastrijd tegen troepen van de regering in Kabul en de internationale strijdkrachten in hun land.

De situatie veranderde toen de toenmalige Amerikaanse president Donald Trump vorig jaar een akkoord met de extremisten sloot om Amerikaanse troepen uit Afghanistan te kunnen terughalen. De Taliban beloofden met de Afghaanse regering in Kabul over vrede te onderhandelen en zeiden dat ze niet meer zullen toestaan dat terreurorganisaties als al-Qaeda hun land als uitvalsbasis gebruiken.

In het vredesoverleg tussen de Taliban en de Afghaanse regering zit echter weinig beweging. De ontwikkelingen in Afghanistan worden door de internationale gemeenschap met groeiende bezorgdheid gevolgd. Nederland, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk hebben hun burgers onlangs opgeroepen het land zo snel mogelijk te verlaten.

In de provincie Kunduz is ook Nederland actief geweest. Nederlanders hebben er politiemensen getraind. Die missie begon in 2011 en kwam ongeveer twee jaar later vervroegd tot een einde.