FC Barcelona's Frenkie De Jong (tweede va rechts) in actie tegen Napoli. De ploeg van De Jong won met 3-1.
FC Barcelona's Frenkie De Jong (tweede va rechts) in actie tegen Napoli. De ploeg van De Jong won met 3-1. Epa/enric Fontcuberta

Barcelona overtuigt weer niet

De Jong komende vrijdag tegen Bayern München

BARCELONA (ANP) Frenkie de Jong heeft met FC Barcelona de kwartfinales van de Champions League bereikt. De Spaanse ploeg won in het lege Camp Nou de return tegen Napoli met 3-1.


Na de 1-1 in Napels van eind februari, voor de maandenlange corona-onderbreking, was dat genoeg om door te gaan in het belangrijkste Europese bekertoernooi.

Barcelona staat komende vrijdag in Lissabon tegen Bayern München, de Duitse kampioen die sinds de hervatting van het seizoen alle wedstrijden heeft gewonnen.


PENALTY De ploeg van de bekritiseerde trainer Quique Setién stond halverwege de eerste helft al met 2-0 voor. Clément Lenglet kopte in de negende minuut de openingstreffer binnen uit een hoekschop van Ivan Rakitic. Zowel de Turkse scheidsrechter Cüneyt Çakir als de VAR zag geen overtreding in de duw die de Franse verdediger uitdeelde aan een tegenstander voordat hij de bal achter doelman David Ospina werkte.


ONNAVOLGBARE MESSI In de 23e minuut verdubbelde Lionel Messi de voorsprong van de thuisclub. Dat deed de Argentijn op onnavolgbare wijze. Hij dribbelde vanaf de linkerkant van het veld het strafschopgebied in, ging tussen een aantal verdedigers in even onderuit, maar stond snel weer op en schoot de bal al vallend via de vingertoppen van Ospina en de binnenkant van de paal in het doel.


In de blessuretijd van de eerste helft scoorden beide ploegen vanaf 11 meter; Luis Suárez namens Barcelona en Lorenzo Insigne voor de club uit Napels.


Na rust ging Napoli op jacht naar meer doelpunten. Kansen kregen de Italianen genoeg, via onder anderen de invallers Hirving Lozano (ex-PSV) en Arek Milik (ex-Ajax), maar doelpunten bleven uit.


LAATSTE PRIJS Voor Barcelona is de Champions League de enige manier om nog iets van het seizoen te maken. De ploeg van Setién, opvolger van de begin dit jaar ontslagen Ernesto Valverde, gaf na de corona-onderbreking de eerste plaats in La Liga uit handen.


De landstitel ging naar Real Madrid.