Freek Wolff

Ik had al vogeltjes toen ik een jochie was van een jaar of twaalf", zegt Van Beek. Hij is een rasechte Voorthuizenaar en was zijn hele leven marktkoopman in de regio. Wim verkocht fruit. ,,Ik kon niet ophouden en deed dat tot mijn zeventigste jaar, want ik had een mooie vaste klantenkring."

Zijn vader had altijd kippen, maar zelf kreeg Wim een grote liefde voor kanaries. ,,Ik heb die vogeltjes altijd mooi gevonden. In 1959 kwam ene meneer Nijman op zijn fiets naar me toe, omdat hij dit wist. Hij stelde voor om een vereniging op te richten. Ik reageerde meteen enthousiast en na een half jaar kreeg ik een uitnodiging voor de oprichtingsvergadering op 12 januari 1960 in de huiskamer van de families Van de Waal en Hoef. Zij hebben toen veel betekend voor de vereniging. We zijn begonnen met twaalf leden leden."

[SUPERGOED] Omdat de vereniging groeide, moest het bestuur op zoek naar een zaaltje. Dat werd een locatie waar eerst een supermarkt in gevestigd was van meneer Vis. ,,Dat kostte acht gulden per maand, waardoor de contributie omhoog moest. Dit kostte ons enkele leden, wat je je nu niet meer voor kunt stellen."

Tegenwoordig is Kweeklust een supergezonde vereniging met honderdtwintig leden. Na de eerste vijf jaar werd Wim voorzitter van het bestuur, wat hij 23 jaar bleef. ,,De huidige voorzitter Aad Polland is een geweldig goede voor de vereniging. Een stuwende kracht voor Kweeklust. Het bestuur is supergoed, want deze vogelvereniging is nu de grootste in Gelderland."

Kweeklust werd als vereniging in de begintijd lid van de Nederlandse Kleurkwekers Club (NKC), alleen gericht op kanaries. Na een jaar of vier kwamen er ook leden bij die een passie hadden voor parkieten, tropenvogels en andere vogelsoorten. Daarom stapte de vereniging over naar een andere bond: de Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers. ,,Die is groot geworden. Landelijk heeft die tegenwoordig 22.000 leden."

[WEEMOEDIG] De vorm en het postuur zijn de aspecten die bepalen of een vogel er mooi of minder fraai uitziet. Qua kanaries zijn er diverse soorten, zoals gele, rode en waterslagers, echt zangkanaries. Van Beek vindt ze allemaal even mooi. ,,De boeiendste periode voor een kweker is het voorjaar, want dan doe je je best om een mooie vogel te kweken voor een tentoonstelling in november en december. Dan zijn ze mooi van kleur en in goede conditie. Dan is het spannend of je een prijs wint."

Er zijn wedstrijden op verschillend niveau: onderling lokaal (Bethabara, 't Trefpunt), kringtentoonstellingen (regio Midden-Veluwe), districtsexposities en tot slot de nationale kampioenschappen. ,,Ik was zelf niet zo gericht op prijzen winnen en kwam nooit verder dan een tweede of derde plek. Er was in 1973 een wereldtentoonstelling in Diergaarde Blijdorp, waar kapper Huiskamp uit Voorthuizen van onze jonge vereniging wereldkampioen werd. Hij won met een recessief witte kanarie."

De laatste jaren trok Van Beek zich een beetje terug bij de vereniging. Hij blikt wat weemoedig terug op het verleden, ook omdat veel leden hem in de loop der jaren zijn ontvallen. Maar vogels boeien hem nog steeds. ,,Het is de natuur. Als het weleens wat tegen zat, ging ik mijn volière in met wel honderd vogels. Dan zat ik daar een half uur en kwam ik helemaal tot rust. Ze fluiten en bewegen altijd."

[DIERENWINKEL] Floor Doest is ook al bijna vanaf het prille begin lid en woont nu 53 jaar in Voorthuizen. ,,Mijn vader had altijd duiven, maar daar moet je veel meer tijd in steken. Mijn zwager Joop de Vries had vogels. Ik begon ook met een volière met kanaries en wildzangers. Een hond begint te kwispelen als hij je ziet en een vogel gaat fluiten. Dat is erg leuk", zegt de Voorthuizenaar die zelf 31 jaar een dierenwinkel runde in zijn eigen woonplaats.

Doest geniet ook van het kweken. ,,Je kijkt of de eitjes bevrucht zijn, kweekt ze op in de broedmachine en ziet de vogeltjes opgroeien. Hartstikke leuk werk." Hij gaf ze geen namen, want daarvoor had hij teveel vogels. Soms waren dat er wel 150. Het voer maakte hij meestal zelf, want dan was de kwaliteit gegarandeerd, met beschuit, eieren en kiemzaad. ,,Daar zitten de meeste vitamines in. Dat heb ik liever dan uit een potje."

De Voorthuizenaar was destijds zelf ook een jaar of vier bestuurslid van de vereniging. Hij was commissaris, wat hij leuk vond om te doen. ,,Een goed bestuur is het halve werk."

Terugkijkend vond hij de tentoonstellingen in Bethabara en Pro Rege memorabel, ook omdat de inwoners uit het eigen dorp komen kijken. Soms werden hiervoor leerlingen van de lokale scholen uitgenodigd. ,,De stroom viel een keer uit. Dan zitten die tropische vogels ineens in de kou. Dat kan niet, dus moesten we 's avonds nog op zoek naar een elektricien. De vogels hebben het gelukkig wel overleefd."

Net als Van Beek kijkt hij terug op een geslaagde jubileumavond. ,,Dat was geweldig georganiseerd. We hebben nu een prachtig eigen clubgebouw aan de Roelenengweg, samen de duivenvereniging", wil Doest nog kwijt.