Wim Vonk

Als ze in een schoollokaal over hun bijzondere reis vertellen, zoeken de drie 16-jarige meiden uit Ede, Bennekom en Otterlo soms naar de juiste woorden om hun ervaringen te omschrijven. ,,Je moet er eigenlijk zelf zijn geweest om het echt te begrijpen.''

De vwo5-leerlingen zijn tijdens het interview nog maar twee dagen terug van hun vijfdaagse trip naar oost-Polen. Op initiatief en met subsidie van de provincie Gelderland neemt sinds 2013 ieder jaar een groep jongeren deel aan de internationale herdenking in Sobibor. Altijd rond de 14e oktober, de dag waarop in 1943 een grote opstand in het voormalige nazi-vernietigingskamp plaatsvindt. Gelderland heeft sinds 2002 een speciale band met de Poolse partnerprovincie Lubelskie, waarin ook Sobibor ligt.

[VOORBEREID] Enna, Anne en Annejet maken deel uit van een groep van zestien Gelderse en ook enkele Noord-Brabantse scholieren. In het hotel in Okuninka, vlakbij de grens van Polen met Wit-Rusland en Oekraïne, treffen ze ook jongeren uit Polen, Duitsland en Oekraïne. Ze zijn goed voorbereid. Van docent geschiedenis Kees Heitink - ,,hij koos ons uit, omdat we veel interesse hebben in geschiedenis'' - krijgen ze twee boeken. Eén over archeologisch onderzoek bij het vernietigingskamp en het boekje 'Er reed een trein naar Sobibor' van Jules Schelvis. Hij is één van de weinige Nederlandse joden die het kamp overleefde. En eind september is er een kennismakingsbijeenkomst in Elburg voor alle zestien deelnemers, onder leiding van historicus en geschiedenisdocent Wim van Norel van het Nuborgh College. Hij is al vaker in oost-Polen geweest en is ook deze keer groepsleider.

[MAJDANEK] De vliegreis van Amsterdam naar Warschau is op vrijdag 11 oktober. Met aansluitend een uren durende busreis naar het hotel in het uiterste oosten van Polen. Zaterdag volgt een soort introductieprogramma met onder meer een workshop/lezing in een joodse synagoge en een rondleiding in het nabijgelegen stadje Wlodawa.

Dan is het zondag 13 oktober en staat een bezoek aan het voormalige vernietigingskamp Majdanek op het programma, vlakbij de stad Lublin. Als Enna, Anne en Annejet uit de bus zijn gestapt en richting het bezoekerscentrum lopen, dringt pas echt het besef door waar ze zijn. ,,Je hebt erover gehoord, erover gelezen, maar opeens sta je op de plek waar zoveel mensen zijn omgebracht.''

[OVENS] Ze wandelen door originele woonbarakken en zien dat er gewerkt wordt aan de restauratie van gaskamers. Een tafel waarop lichamen van gedode joden hebben gelegen om ze open te maken, op zoek naar ingeslikte gouden sieraden, maakt diepe indruk. Daarna een kamer waar heel veel mensen zijn doodgeschoten. ,,De kogelgaten zitten nog in de muur.''

En het crematorium met een stuk of tien openstaande ovens. ,,Alsof ze pizza's gingen bakken, maar hier werden mensen ingeschoven en verbrand. Dat komt hard binnen.''

Buiten staat een enorme betonnen koepel, een mausoleum met de spreuk 'Let our fate be a warning to you' ('Laat ons lot een waarschuwing zijn'). Daaronder een met zand en steentjes afgedekte berg as met botresten. Enna, Anne en Annejet zien hier en daar kleine botjes eruit steken. ,,Zeker weten.''

[KRAAIEN] En, heel luguber, er lopen en vliegen honderden zwarte kraaien op het terrein van Majdanek. ,,Dat kan geen toeval zijn. De hele reis hebben we ze nergens gezien, alleen daar. Onze groepsleider Wim van Norel vertelde dat het hem elk jaar weer opvalt. Het lijkt wel alsof ze op de doodsgeur afkomen, heel bizar.''

Terug in de bus is het eerst nog stil, vertellen de drie scholieren. Maar later worden ervaringen uitgewisseld en alles besproken. ,,Echt alles, we zijn als groep heel close geworden. We hebben gehuild, maar ook als ontlading veel gelachen.''

[SOBIBOR] Net als Majdanek zullen Enna, Anne en Annejet ook het bezoek aan Sobibor op maandag 14 oktober 2019 nooit meer vergeten.

Op die dag is het precies 76 jaar geleden dat in het kamp een opstand uitbreekt. Drie- tot vierhonderd gevangenen proberen te vluchten. Velen van hen worden doodgeschoten of gedood door mijnen die rond het kamp liggen. Na de oorlog blijkt dat er nog geen vijftig overlevenden zijn.

Na de opstand wordt het kamp gesloten en stellen de Duitsers alles in het werk om de sporen van Sobibor te wissen, onder meer door bomen te planten. Pas in 2013, ruim zeventig jaar na de afbraak van het vernietigingskamp, vinden archeologen het fundament van de gaskamers.

[MASSAGRAVEN] De groep Nederlandse scholieren is 14 oktober te gast voor een officiële herdenking. Waarbij Enna, Anne en Annejet de namen mogen oplezen van 37 joden uit de gemeente Ede die in Sobibor zijn vermoord.

Na aankomst wandelen ze onder leiding van de Poolse gids Marek Bem eerst over de Himmelfahrtstrasse, een gedenklaan die herinnert aan de gecamoufleerde weg waarover joden naakt naar de gaskamers moesten lopen. ,,Een pad waarop mensen rechtstreeks naar hun dood liepen, dat dringt dan diep tot je door.''

De gedenklaan is nu omgeven door hoge bomen. Hier geen kraaien, maar een oorverdovende stilte.

,,Het lijkt wel alsof de dieren aanvoelen, een soort instinct, dat ze hier niet naar toe moeten. Op dat moment hadden we letterlijk het gevoel dat de wereld stil stond.''

Dan een bocht en een felrood bord, met grote witte letters: 'No entry, area of mass graves' ('Verboden toegang, massagraven'). Daarachter een uitgestrekte, symbolische asheuvel, afgedekt met ontelbare witte stenen.

Alle scholieren lezen namen van joodse slachtoffers voor uit de eigen gemeenten. Er worden kaarsjes aangestoken en bloemen neergelegd. Dan is er weer de stilte. ,,We keken naar de witte stenen en dachten aan de enorme aantallen mensen die hier zijn gedood en verbrand.''

[STEENTJES] Enna, Anne en Annejet hebben elk een paar steentjes meegenomen van huis, die ze op verzoek van groepsleider Wim van Norel bij de gedenksteen leggen van Rachel Schelvis-Borzykowski. Zij is de vrouw van overlevende Jules Schelvis, oprichter van de Stichting Sobibor. ,,Hij is in 2016 overleden. Wim van Norel heeft Jules beloofd dat hij elk jaar steentjes zou leggen bij het monument van Rachel.''

De route naar de bus voert opnieuw door de Himmelfahrtstrasse, met boven de bomen een felblauwe lucht. ,,Het zag er allemaal vredig uit, maar de sfeer was kil en bijna duizelig makend'', blikken de drie terug in het Edese klaslokaal. ,,Je beseft ineens dat al die duizenden mensen zijn omgekomen. Wij kunnen wel naar huis, zij niet.''

[TWEE KEER DOOD] Ze omschrijven de trip naar oost-Polen als een bijzondere en aangrijpende reis. ,,Meneer Heitink had ons vooraf gezegd dat het heftig zou worden, maar het was heftiger dan we hadden gedacht.'' Toch hadden ze het zeker niet willen missen. ,,Dit was belangrijk voor ons om mee te maken. Wim, onze groepsleider, zei dat je twee keer dood kunt gaan: als je hart stopt en als je naam niet meer wordt genoemd. Wij vinden wij het heel mooi dat we deze 37 namen in Sobibor mochten uitspreken, zodat zij niet worden vergeten.''

Het belangrijkste doel van de jaarlijkse jongerenreis is dat het verhaal van Sobibor verteld blijft worden. Enna, Anne en Annejet staan daar volledig achter. ,,Daarom zijn we blij met dit interview. En we gaan samen een profielwerkstuk maken over Sobibor. Als het klaar is, mogen we dat presenteren aan onze klasgenoten en ouders.''

[VERLATENHEID] Op de vraag wat ze het meest heeft geraakt, verwijzen ze eensgezind naar een tekstpassage over een bezoek aan Auschwitz, waarvan Annejet thuis een foto heeft gemaakt. ,,Dat beschrijft exact onze ervaring in Sobibor: '...De stilte wordt steeds nadrukkelijker, slechts onderstreept door het ruisen van de wind. Juist deze afwezigheid van vrijwel ieder geluid maakt duidelijk dat niemand ooit werkelijk zal kunnen navertellen wat deze plaats eens gezien heeft. De meesten die werden gedeporteerd, keerden nooit terug. Zij die het wel overleefden, schoten de woorden meestal tekort om te verhalen van de verschrikkingen. De bezoeker die nu komt en ronddwaalt over het terrein, rest niets anders dan in de stilte en verlatenheid op zoek te gaan naar de al lang weggestorven echo's van hen die de hel op aarde vonden'.''

[37 NAMEN]
De 37 namen van in Sobibor vermoorde
joden uit de gemeente Ede die zijn voorgelezen door Enna, Anne en Annejet:
Bennekom - Joodse Nederlanders: 1. Carolina van den Arend-Hijmans (70), 2. Betje Beckers-Roos (65), 3. Francisca Bouman-Glaser (53), 4. Bernhard Bouman (22).
Joodse vluchtelingen uit Duitsland: 5. Elisa Augusta Halberstädter-Ostermann (70), 6. Rudolf Löwenthal (78), 7. Laura Wilhelmina Löwenthal-Ostermann (69), 8. Ernst Lucas (42), 9. Natalie Lucas-Instrator (35), 10. Robert Stephen Lucas (5), 11. Max Pagelsohn (59), 12. Toni Pagelsohn-Proskauer (55).
Onderduikers: 13. Leon van Leeuwen (42), 14. Stella van Leeuwen (40), 15. Emanuel Manasse (60), 16. Fanny Manasse-Hartogsohn (60), 17. Hessel Rippe (49), 18. Jeanette Rippe-Levison (43), 19. Hans Nico Rippe (17), 20. Jette Kahn-Freudenberger (70), 21. Fritz Kahn (37), 22. Samuel Bromberg (52).
Elders in gemeente Ede: 23. Sybilla Cohen-Levi (51), 24. Balfour Kahané (20), 25. Salli Levi (48), 26. Meijer Drukker (80), 27. Carolina Drukker-de Groot (82), 28. Friedrich Wilhelm Hochman (63), 29. Albert Loose (69), 30. Rosa Loose-Benthem (67), 31. Ernst Ludwig Hugo Meijer (25), 32. Ottilie Sara Meyer-Meijer (68), 33. Elisabeth Monnickendam (62), 34. Helene Weidenreich-Gernsheim (75), 35. Jacob Boeki (51), 36. Leentje Boeki-Berkelouw (49), 37. Lea Boeki (25).
[SOBIBOR]
In Sobibor zijn van april 1942 tot en met oktober 1943 - in anderhalf jaar tijd - minstens 170.000 joden door vergassing om het leven gebracht. Vanuit het Nederlandse kamp Westerbork werden 34.313 Joden, verdeeld over negentien transporten, naar het in Polen gelegen Sobibor gestuurd. Van hen keerden na de oorlog slechts achttien personen terug.
Stichting Sobibor is in 1999 opgericht door Jules Schelvis, de enige overlevende van het veertiende transport vanuit het Nederlandse kamp Westerbork naar Sobibor. Zijn 20-jarige vrouw Rachel Borzykowski en schoonfamilie werden na aankomst in Sobibor op 4 juni 1943 in de gaskamers vermoord. Jules Schelvis werd 95 jaar, hij overleed op 3 april 2016. (Bron: Stichting Sobibor)
Annejet Vonk
Foto: Annejet Vonk
Scholieren lezen in Sobibor de namen voor van vermoorde joden uit hun gemeenten.
Annejet Vonk
Foto: Annejet Vonk
Een laag witte stenen bedekt de symbolische asheuvel in Sobibor.