Door Erik Roest

Gert Jansen houdt audiëntie in zijn decanenkamer. Kantoor 004 zit op een strategische plek, vlakbij de ingang van de school. ,,Mijn deur staat altijd open, zodat leerlingen weten dat ze welkom zijn'', zal hij later zeggen.

De 61-jarige Barnevelder is een markante verschijning: lange kerel, kaal hoofd. De handdruk is stevig, de uitstraling vriendelijk. ,,Het is nooit de bedoeling geweest om hier veertig jaar te blijven'', vertelt hij lachend. ,,Maar op een gegeven moment, als je hier wat langer woont en helemaal verankerd bent in de samenleving, krijg je steeds minder de drang om weg te gaan. En mocht ik willen verhuizen, dan zeggen mijn vrouw en kinderen gewoon: 'Dan ga je maar alleen'.

Jansen stond al op zijn 21e voor de klas. Het sollicitatiegesprek met de toenmalige directeur Hagoort zal hij nooit vergeten. ,,Aan het eind zei hij tegen mij: 'Je hebt geen ervaring, maar je hebt je lengte mee en ik ken je vader. Binnen een week hoor je meer'. Toen ik thuiskwam, hing Hagoort al aan de lijn. 'Je bent aangenomen', zei hij. De andere twee sollicitatiekandidaten had hij afgebeld.''

[LANGE HAREN] Toen Jansen, in die tijd nog met baard en lange haren, op het JFC begon, telde de school vijfhonderd leerlingen. ,,Ik had 21 collega's, we vormden met z'n allen één groep. Tegenwoordig zijn er 2700 leerlingen en lopen er 180 personeelsleden rond. Dan is het onmogelijk om met iedereen een goede band te hebben.''

In de begintijd kregen Jansen en zijn collega's elke morgen een hand van directeur Hagoort. ,,In de docentenkamer had iedereen zijn eigen plek. Hagoort zat aan het hoofd van de tafel, met naast hem de oudgedienden. Beginnelingen, zoals Kees Koolen en ik, zaten helemaal achterin. Als een nieuwe collega het in zijn hoofd haalde op een verkeerde plek te gaan zitten, werd hij meteen gecorrigeerd.''

Het JFC was in die tijd nog echt een Barneveldse school. ,,Tussen de middag hadden we allemaal vijf kwartier pauze. Iedereen ging naar huis voor de warme prak. Toen we meer leerlingen kregen vanuit de regio, zijn de pauzes korter geworden.''

Een ander 'verworven recht' is wel gebleven. ,,We begonnen als docenten de dag altijd met koffie. Dat was zo gezellig, dat we ons nog wel eens moesten haasten om op tijd bij de eerste les te zijn. De schoolleiding heeft toen ingegrepen en besloten om het koffiedrinken voor schooltijd af te schaffen. In plaats daarvan kregen alle docenten elke ochtend tussen 9.00 en 10.00 uur koffie of thee geserveerd in hun lokaal. Dat is nooit meer teruggedraaid.''

[MANNENBOLWERK] In Jansens begintijd was het Fontanus een echt mannenbolwerk, met bekende namen als Teune, Van der Giessen en Van de Lagemaat. ,,Er waren twee vrouwelijke docenten. Tegenwoordig is de verhouding fifty-fifty. Ik vind dat een hele vooruitgang. Het is een stuk gezelliger geworden.''

Inhoudelijk gezien heeft de jubilaris zijn vak armer zien worden. ,,In de jaren zeventig stonden er nog 20 tot 25 boeken op de literatuurlijst. Vorig jaar waren dat er bij de havo-examenkandidaten welgeteld acht. Persoonlijk vind ik dat aan de magere kant. Als sectie Nederlands doen wij er alles aan om de leerlingen aan het lezen te krijgen. Enerzijds door zelf enthousiast te zijn over literatuur, anderzijds door regels in te stellen. Alle brugklasleerlingen moeten een boek bij zich hebben en zijn ook verplicht om een deel van de les lezend door te brengen. Op die manier hoop je dat ze er plezier in krijgen, maar ik ben realistisch genoeg om te zien dat niet iedereen wordt gegrepen door het leesvirus. Er blijven genoeg leerlingen over die alleen maar kijken naar het dunste boek en/of de grootste letters.''

De aandacht bij het vak Nederlands is in toenemende verplaatst van literatuur naar spelling en stijl. ,,Op zich een goede zaak, omdat taalbeheersing belangrijk is met het oog op de overstap naar het hbo. En aandacht voor spelling is in deze tijd extra hard nodig. Zeker ook vanwege de sociale media, waar eigen taalregels gelden.''

[MONDIGER] Met de tijd zijn ook de leerlingen veranderd. ,,Ze zijn een stuk opener geworden, mondiger ook. Je weet wat je aan ze hebt. De leerlingen zeggen wat ze vinden, ook als ze het niet met je eens zijn. En ze nemen meer initiatief. Als decaan krijg ik veel mailtjes, ook van scholieren. Dat vind ik een positieve ontwikkeling.''

Als docent heeft Jansen nooit ordeproblemen. ,,Ik maak me niet zo snel druk, word niet gauw kwaad. Ik probeer mezelf te blijven en contact te maken. Op mijn beurt eis ik wel van de leerlingen dat ze hun werk voor elkaar hebben.''

Eén keer was er wel paniek. ,,Ik gaf les in een lokaal in ons noodgebouw aan de Bloemendaallaan, toen we getik op de ramen hoorden en de leerlingen begonnen te gillen. 'Er wordt geschoten', riep iemand. Daarna heb ik tegen de leerlingen verteld dat ze onder hun schoolbankjes moesten gaan zitten. Vervolgens belde ik de politie. Later werd duidelijk dat een buurman met een buks op vogels aan het schieten was en daarbij per ongeluk ons onder vuur had genomen.''

Dit schooljaar heeft de Barnevelder 21 lesuren per week; vier uur als docent, zeventien uur als havo-decaan. ,,Volgens het woordenboek is een decaan een leraar met een speciale opdracht. Ik vind dat een mooie omschrijving. Met alle leerlingen uit de hogere havo-klassen voer ik gesprekken over hun vervolgopleiding. Daardoor leer je ze ook beter kennen, heb je sneller een band met ze.''

Jansen waakt ervoor om 'zijn' leerlingen voor te schrijven welke opleiding ze moeten gaan volgen. ,,Ik wijs ze een bepaalde richting, maar zij moeten zelf de keus maken.'' Het traject richting hbo begint in havo 3, als alle leerlingen door een extern bureau getoetst worden. ,,Op basis daarvan voer je gesprekken en bouw je langzaam maar zeker een dossier op. In de derde krijgen alle havo-leerlingen zeven lessen over profielkeuze en vervolgmogelijkheden. In de vierde en vijfde gaan ze ook echt naar de scholen toe, zijn er meeloopdagen of kunnen ze 'proefstuderen'. Wat ik de leerlingen altijd mee probeer te geven is het volgende: 'Bereid je serieus voor, verdiep je in de materie. Bezoek zoveel mogelijk scholen, zodat je een goede keuze kunt maken. Onderzoek wijst uit dat die werkwijze zich uitbetaalt.''

De afgelopen week is binnen het JFC op allerlei manieren stilgestaan bij Jansens jubileum, onder meer met bloemen, toespraken en cadeaus. ,,Mooi allemaal, maar ik vind het prima om weer over te gaan tot de orde van de dag. Als het even kan, ga ik nog drie jaar door. Ik heb het hier nog uitstekend naar mijn zin.''