Jannes Bijlsma

Dat zegt wetenschapper Hans Kros van de Wageningen University & Research (WUR). Hij is mede-auteur van een recente studie, waarin het aandeel van de landbouw op de totale stikstofuitstoot in natuurgebieden onder de loep is genomen.

Kros erkent dat de landbouw daar relatief veel aan bijdraagt, in de vorm van ammoniak. Op de Veluwe bedraagt de gemiddelde uitstoot ongeveer 2000 mol stikstof, een overschrijding van de kritische waarde met gemiddeld zo'n 700 mol. ,,Dat is een stevige overschrijding. Wat wij in onze studie in beeld hebben gebracht, is het aandeel van de veehouderij. Van de totale stikstofuitstoot waar de Veluwe mee te maken heeft, is ongeveer een kwart afkomstig van de Gelderse landbouw, in de vorm van ammoniak. Maar dat is niet alles. Want ook veehouderijen uit andere provincies zorgen voor een deel van de depositie op de Veluwe: gemiddeld ongeveer 500 mol. Ik wil maar zeggen: alle uitstoot is van invloed op elkaar."

[MAATREGELEN] Over heel Nederland is de landbouwsector verantwoordelijk voor zo'n veertig procent van de stikstofdepositie op natuurgebieden, aldus het onderzoek. De wetenschappers zien drie mogelijke maatregelen om dit terug te dringen: het aanbrengen van technische maatregelen in de huidige veehouderijsystemen, meer grondgebonden kringlooplandbouw en sanering van vervuilende boerenbedrijven die in de buurt van gevoelige natuurgebieden. ,,De laatste maatregel is de kortste klap", aldus Kros. ,,Twintig à dertig procent van de uitstoot komt in de directe omgeving van de bron terecht. De rest wordt verder getransporteerd. Maar, zoals gezegd, alleen hiermee kom je er niet mee."

Barneveld is kwetsbaar voor de huidige stikstofproblematiek, vanwege de nabije aanwezigheid van de Veluwe. De rechter veegde in mei de stikstofregels (het Programma Aanpak Stikstof (PAS)) van tafel, waardoor Barneveldse ontwikkelingen als woonwijk Bloemendal en industrieterreinen Harselaar Zuid 1b, Voorthuizen en Stroe onder druk zijn komen te staan. Hetzelfde geldt voor uitbreidingsplannen van Barneveldse agrariërs. Op het aandeel van Barneveldse veehouderijen op de totale stikstofuitstoot van de Veluwe kan Kros niet specifiek ingaan. ,,Zo gedetailleerd was onze studie niet." Wel weet hij dat deze regio met name pluimvee- en varkenshouders in zich herbergt. Daarover zegt hij: ,,Het aandeel van Gelderse varkenshouderijen op de totale depositie op de Veluwe is klein. De pluimveesector in Gelderland stoot iets meer uit, maar niet veel meer. Het aandeel van de rundveehouders is het grootst, met gemiddeld circa 300 mol."[GELD EN ENERGIE] Juist de sectoren die in de regio Barneveld het grootst zijn, hebben de afgelopen decennia veel gedaan om de stikstofuitstoot terug te dringen, zegt de wetenschapper. ,,Dat is onmiskenbaar het geval. Daar is veel aandacht besteed aan het terugdringen van ammoniakemissies. In de melkveesector is dat een stuk minder gebeurd." Sowieso wil Kros het idee rechtzetten dat het stikstofprobleem in Nederland groter is dan ooit. ,,Sinds 1990 is de uitstoot al met dertig procent gereduceerd. Daar is veel geld en energie in gestopt, met name in de eerste twintig jaar. De afgelopen tien jaar is het nagenoeg gelijkgebleven." Doel van het PAS was om de stikstofuitstoot weer verder te laten verminderen, maar om tegelijk ook economische ontwikkeling mogelijk te maken. ,,Die truc is nu doorgeprikt", zegt Kros.

De wetenschapper werkt nog aan een studie, waaruit naar voren komt dat voor de Veluwe de totale stikstofuitstoot met gemiddeld 55 procent moet worden teruggebracht om onder de kritische waarde terecht te komen. ,,Maar die verschilt per leefgebied", zegt Kros. ,,Voor zandverstuivingen moet de uitstoot met ruim zeventig procent worden teruggeschroefd", waarbij hij onder meer doelt op het Kootwijkerzand. ,,Dat is een zeer kritisch habitattype."