Robèrt Vleeskens heeft zich uitgebreid voorbereid op dit gesprek. Zijn rugzak zit vol paperassen, die hij keurig geordend uitspreidt in de koele kantoorruimte van de Koninklijke BDU. Op deze tropische dag is het prettig om te constateren dat de airco zijn werk doet.

Het eerste papier dat de 61-jarige Voorthuizenaar onder mijn neus schuift is een artikel uit een niet nader te duiden medium, met de veelzeggende kop: ‘Neurowetenschapper: Wandelen is de grootste probleemoplosser die er bestaat’. In dit artikel betoogt de Ier Shane O’ Mara dat we eigenlijk vier keer per week 15 kilometer zouden moeten wandelen. ,,Dat maakt ons fysiek en mentaal gezonder. In sommige landen worden strandwandelingen zelfs voorgeschreven door artsen ter voorkoming van geestelijke en lichamelijke aandoeningen.’’

PARADIJS Koren op de molen van Robèrt, die in het dagelijks leven een coachingsbedrijf bestiert. Wandelcoaching maakt deel uit van zijn brede pakket. ,,Door de coronacrisis vielen al mijn afspraken in één klap weg. Ik ben eerst even op een stoel gaan zitten, voordat ik in actie kwam. Weet je wat ik heb gedaan? Ik ben met mijn gezin (Robèrt heeft een vrouw en twee dochters) op verschillende plekken gaan wandelen. Ik heb weer eens ervaren hoe mooi het in Voorthuizen en omgeving is. Dat wist ik wel, maar achteraf kan ik concluderen dat ik nog veel te ontdekken heb. Het Paradijs in Barneveld, ben daar je wel eens geweest? Prachtig gewoon. En wat te bedenken van het Zevenheuveltjesbos in Voorthuizen, inclusief de 11 apostelen? Dat zijn elf bomen uit één stuk. Daar moet je gewoon een keer gaan kijken.´´

Als inspiratiebron voor zijn wandelingen gebruikte Robèrt het werk van Gerrit de Graaff. ,,Ik heb zijn boeken, ken de meeste van zijn routes. Ik kom nog steeds stukken tegen die niet zijn opgenomen in een klompenpad. Ik heb op plekken gelopen waar je een hele tijd gewoon niemand tegenkomt. Hoe heerlijk is dat?´´

STRESSVERLAGEND Robèrt kan niet vaak genoeg benadrukken welke effecten wandelen in de natuur heeft op het stressniveau van de mens. ,,Als je vijf minuten in de natuur bent, gaat je hartslag al omlaag. Dat is wetenschappelijk bewezen. Er hangt een stofje in de lucht, fantomine geheten. Dat heeft niet alleen een stressverlagende werking, maar het draagt ook een antibioticum in zich. Mensen met slechte longen hebben er ook baat bij.´´

Als wandelcoach maakt Robèrt van de gelegenheid gebruik om zijn metgezel de volgende vraag te stellen: ,,Hoe voelt het nu? Begin bij je voeten en ga dan langzaam maar zeker naar je hoofd. Mensen die stress ervaren, voelen dat in hun hoofd. Daar draait het om, daar gebeurt van alles. Vervolgens vraag ik de ander om te letten op zijn of haar ademhaling. Wees je daar bewust van. Vervolgens kijk je om je heen. Wat zie ik nu eigenlijk? Wat hoor ik? Wat ruik ik? Wat voel ik? Wat proef ik? Als je bewust je zintuigen openstelt, dan hoor je opeens de vogeltjes fluiten. Als je in gezelschap bent, merk je dat vaak niet eens echt op, omdat je met elkaar aan het praten bent. En als je in je eentje loopt, heb je soms last van de innerlijke criticus. Die vindt van alles over jou. Als je daar last van hebt, kun je beter met iemand meegaan, zoals een wandelcoach of een vriend, met wie je een goed gesprek kan voeren.’’

ANGSTEN EN FOBIEËN Als wandelcoach heeft Robèrt vooral cliënten onder zijn hoede die kampen met psychosomatische klachten, zoals een burnout, angsten en/of fobieën. ,,Maar het kunnen ook mensen zijn die zijn vastgelopen in hun werk.’’

,,Ik hanteer twee belangrijke uitgangspunten: Luisteren, niet oordelen: dat is de basis. Op die manier kweek je veiligheid en vertrouwen. En omdat je naast elkaar loopt, is er meer ruimte om iets te zeggen dan als je tegenover elkaar zit.’’

Robèrt grijpt alle mogelijkheden aan om zijn medemens te helpen. Naast een opleiding als wandelcoach heeft hij ook kennis verworven op het gebied van brainspotting (een therapievorm voor verwerking van trauma´s en andere blokkades) en van PMA (Progressive Mental Allignment). ,,Dit zijn geen zweverige methoden; alles is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Bij PMA hoort een bepaalde manier van vragen stellen, waarbij je met de cliënt als het ware een zoektocht maakt door het brein. Je brein is een soort computer, waar alle informatie in verschillende mapjes is opgeslagen. Sommige bestanddelen zijn echter gefragmenteerd opgeslagen en in verschillende stukjes uiteengevallen, waardoor het verband tussen de klachten van ‘nu’ en de aanleiding van ‘toen’ niet meteen zichtbaar is. Vanuit het heden probeer je via de PMA-methodiek bij het verleden te komen. Dat klinkt allemaal wat vaag misschien. Laat ik dus maar een concreet voorbeeld geven. Twee collega´s zitten te lunchen in de auto. Eén van beiden haalt een banaan uit zijn brooddoos, waarmee hij de woede van zijn buurman op de hals haalt. De man met de banaan wordt verzocht om de auto direct te verlaten. Hoezo? Waarom? Mijn cliënt, de collega die boos werd, snapte er zelf ook niets van. Door gericht vragen te stellen heb ik geprobeerd om de achtergrond van de aversie te vinden. Na vragen en nog meer (door)vragen kwamen we uit bij de geur van bananen. Het trauma voerde terug tot een ziekenhuisverblijf. Mijn cliënt is op dat moment zeven jaar. Hij wordt vastgehouden, krijgt een pijnlijke injectie en moet vervolgens elke dag bananen eten. Die bananen staan dus symbool voor een uitermate vervelende periode. Toen we er samen achter kwamen dat daar de oorzaak lag van zijn boosheid, wilde hij me eerst niet geloven. Maar een paar weken later belde hij me op met de mededeling dat hij me toch gelijk moest geven. En wat waren de gevolgen? Omdat de negatieve lading van die herinnering uit zijn brein was verdwenen, ontstond er weer ruimte in zijn hoofd, wat zich vertaalde in energie en daadkracht. Bananen halen hem niet meer uit zijn evenwicht.’’

PIJN OF BOOSHEID ,,Ik vraag altijd aan mensen wat voor cijfer ze geven aan de pijn of boosheid die ze voelen. Aan het begin van de sessie is dat cijfer hoog (8 of 9), aan het eind vaak 0, 1 of 2. Veel ergernissen van nu zijn gelinkt aan gebeurtenissen van vroeger, zonder dat je dat zelf in eerste instantie door hebt. Als wandelcoach zeg ik altijd tegen mijn cliënten: omarm je emoties. Als je ergens last van hebt, dan is de eerste stap om dat te erkennen. Dat is vaak moeilijk, omdat er altijd een vriend met ons meeloopt, die -in de vorm van een stemmetje in je achterhoofd- zegt: we gaan niet naar de pijn. Zelfbescherming heet dat. Jouw keuze is om dan te zeggen: Ik ga wel naar die pijn, want ik wil het ervaren zodat er een oplossing kan komen. In de praktijk zie ik dat er bij sommige mensen heel veel moet gebeuren voordat ze daadwerkelijk om hulp gaan vragen. De nood moet dan wel echt hoog zijn. Mensen willen niet graag een stempel als iemand met psychische problemen.’’

GEEN TOVENAAR ,,Ik ben geen psycholoog, geen tovenaar, ik ben een coach. Ik stel vragen. En met die vragen probeer ik om gebeurtenissen naar boven te halen die eigenlijk nooit goed zijn verwerkt. Nog even, als tweede voorbeeld, een inkopper: ,,Een oudere mevrouw blijkt ontzettend in de stress te raken door het geluid van sirenes. Als ik daarop doorvraag, komen we uiteindelijk terecht in de Tweede Wereldoorlog, waarbij de geluiden van overvliegende bommenwerpers en brandweersirenes in volle hevigheid boven komen drijven. Zelf had ze dat verband helemaal niet gelegd.’’

OVERHEMDEN MET OPGESTROOPTE MOUWEN Robèrt groeide op in Rotterdam. ,,Daar verkopen ze overhemden met opgestroopte mouwen, indachtig het motto: ´geen woorden, maar daden´. Niet lullen maar poetsen. Heb ik altijd een heerlijk uitgangspunt gevonden.´´

Hij belandde in het bankwezen en werd uiteindelijk de baas bij het ABN AMRO-kantoor in Voorthuizen. Een verhuizing naar de entree van de Veluwe volgde. ,,Ik ben in totaal 37 jaar werkzaam geweest bij de bank, totdat ik tot de ontdekking kwam dat het bedrijf en ik niet meer bij elkaar pasten. Mijn ouwe collega´s keken niet verbaasd op toen ik zei dat ik de ambitie had om coach te worden. Anderen helpen is mijn drijfveer. Ik heb altijd veel geïnvesteerd in mijn collega´s en klanten. Ook toen al stonden mijn twee uitgangspunten -luisteren, geen oordeel- centraal. Alsje een hecht team weet te creëren en je hebt iets over voor je medewerkers, dan creëer je draagvlak. En als er dan -bijvoorbeeld- een reorganisatie komt, dan zullen mensen sneller geneigd zijn om iets in te leveren als we op die manier mensen binnenboord kunnen houden. Ik ben een groot voorstander van zelfsturende teams. Als je voldoende hebt geïnvesteerd in je mensen, zodat je gekwalificeerde, gemotiveerde en goed opgeleide collega´s hebt, dan ontstaat er iets wat we met een mooi woord ´flow´ noemen. Mensen gaan met plezier naar hun werk, omdat ze vertrouwen voelen en zich gewaardeerd weten. Dan pakken ze hun verantwoordelijkheid en zullen ze ook productiever zijn.’’

COMPASSIE Kijkend naar anderen gebruikt Robert graag de term compassie. ,,Verbinding maken met de ander is enorm belangrijk. Investeren in de ander, iets geven van jezelf, daar word je als mensen een stuk blijer van. Compassie maakt gelukkig, minder egoïstisch en voorkomt eenzaamheid.’’

Als extern adviseur neemt Robèrt tegenwoordig geregeld kijkjes in de keukens van bedrijven. ,,Het valt me altijd weer op dat ondernemingen op hun balans wel rekening houden met kosten voor onderhoud van machines, maar dat er niet altijd wordt gereserveerd om het menselijk kapitaal te onderhouden. Bedrijven weten zich soms geen raad met ´moeilijke´ medewerkers en zoeken dan hun heil (via de rechter) in ontslag. Terwijl je, als je met elkaar in gesprek zou gaan, heel vaak wel tot een oplossing komt. Het gedrag dat iemand vertoont, komt ergens vandaan. Als je de tijd neemt om de bron te achterhalen, dan zul je daar in de meeste gevallen de vruchten van plukken. Al is er helaas niet altijd een pasklare oplossing.’’

ROZEMARIJN EN MARJOLEIN Dat Robèrt graag de bron van dingen achterhaalt, komt hem ook van pas bij zijn hobby. ,,Ik hou van koken. Vooral de Arabische, Griekse en Italiaanse keuken inspireren me. Als ik in een Italiaans restaurant eet, ga ik altijd even bij de kok kijken. Heel vaak mag dat. Het mooie daar is dat ze daar gebruik maken van natuurlijke ingrediënten: van kruiden, zoals rozemarijn en marjolein. Daar bepaal je de smaak mee. Heel eenvoudig, maar o zo doeltreffend. Ik kan ook uren zoet zijn in een Italiaanse supermarkt. Dan ga ik op zoek naar producten die ik nog niet ken. Op die manier heb ik een heerlijk toetje ontdekt. Je neemt mascarpone, limoncello en poedersuiker. Dat meng je en vervolgens dip je een paar lange vingers in dat goedje. Heerlijk!’’

PUUR GENIETEN Ook de Indische keuken gooit hoge ogen bij de 61-jarige Voorthuizenaar. ,,Ik werk bij voorkeur met originele recepten. Als ik op vakantie ben, ga ik het liefst naar een volksfeest toe, ergens in de bergen. Dan zit daar zo´n oma de allerlekkerste inktvissoep ooit te maken en zit je daar als enige toerist tussen al die dorpsbewoners. Dat is toch puur genieten?’’

Erik Roest