Fija Nijenhuis

[Hannie Vlastuin, moeder van Badra (35)]

,,Badra is de enige in woongroep Iris die het coronavirus heeft gehad. Het is bevestigd met een test. Ze is twee weken in quarantaine geweest, ze mocht haar kamer niet verlaten. Maar ze is heel goed en liefdevol verzorgd.

De huidige situatie is best lastig voor deze mensjes. Badra had wel door dat ze ziek was door het coronavirus: ‘Dat stomme virus’, zei ze vaak. Ze begreep dat we niet mochten langskomen. Onze grootste angst was dat ze eenzaam zou worden. Badra is heel sociaal, normaal gesproken werkt ze in lunchroom de Rozerie. Ze was heel gelukkig toen ze na die twee weken quarantaine weer ‘op de groep’ mocht.

Vóór het coronavirus was ze om de week op zondag thuis. Dat kan nu niet en dat is lastig. We proberen dit op het verstand te doen. Ons hart staat even op een laag pitje. Dat is een stukje zelfbescherming. De maatregelen zijn nodig en De Rozelaar moet aan een protocol voldoen.

Badra begint wel vaker dingen te zeggen als ‘Wanneer ik bij jou kom, gaan we dit of dat doen’. Maar dan zegt ze er ook bij: ‘Maar Philip moet het zeggen’. Philip Miedema is de directeur van De Rozelaar.

Praten met Badra met een glazen scherm ertussen is niets voor mij. Ik hoorde dat dat plan nu bedacht is. Ik denk dat ik nog liever telefoneer. Of met haar praat terwijl ze op haar balkon staat. Gewoon rustig met z’n tweeën, niet met allemaal andere mensen in de buurt.

Als er een moment komt dat het echt niet meer gaat met Badra, dan mag ze naar huis komen. We moeten daar wel goed over nadenken, want er is bij ons niet veel afleiding voor haar. De dingen die we normaal gesproken doen als ze een tijdje thuis is, fietsen en een terrasje pakken bijvoorbeeld, kunnen nu niet. En ze moet zich niet gaan vervelen. Aan de ene kant wil ik graag dat ze thuiskomt, maar aan de andere kant denk ik niet dat de situatie er dan voor Badra beter op wordt.’’

[Catharinus den Boon, vader van Marianne (40)]

,,Net voor de boel op slot ging, begon Marianne met 'Facetimen'. Ze videobelt nu met ons, met haar zussen en andere familieleden. Onze familie is best groot en ze is heel betrokken op haar zussen, nichtjes en neefjes. Vorig jaar werd ze veertig. Er waren honderdvijftig man op haar feestje.

Mijn vrouw en ik hebben allebei corona gehad. In de tijd dat wij ziek waren, is onze tweede dochter Lydia meer op de voorgrond getreden als contactpersoon voor haar zus. Elke vrijdag krijgt ze een boodschappenlijstje van Marianne. Daar staan dan op waar ze zin in heeft, lekkere dingen, zoals chocolaatjes, een wijntje of fruit. Als we merken dat het goed met Marianne gaat, dan is het beter te doen. Je zit als ouders toch over haar in. Er zijn bepaalde taken die wij altijd zelf deden, zoals de verzorging van haar ogen. Je hoopt dat het allemaal goedkomt.

Iemand van de leiding heeft de kappersopleiding gedaan. Zij heeft onlangs de bewoners geknipt. Je zag hun haren steeds langer worden, nu zit het weer netjes, dat doet je als ouders goed. Een andere medewerker heeft de nagels van alle dames gedaan.

Marianne zit in de cliëntenraad van De Rozelaar. Ze hebben een overleg gehad over de corona-situatie. Sindsdien is haar credo 'samen sterk!'. Tot nu toe maakt ze er geen punt van dat ze thuis moet blijven. Normaal gesproken doet ze inpakwerk in De Rozelaar en één dag per week brengt ze door in Norschoten. Dan drinkt ze koffie met de bewoners en zorgt ze voor wat gezelligheid.

Naar de kerk kunnen ze ook niet meer. Op zondagmorgen kijkt ze nu naar de EO, samen met anderen van haar groep. Hoewel Marianne het Down-syndroom heeft, weet ze goed wat er aan de hand is. We hebben haar een proefabonnement op de Barneveldse Krant gegeven, en we merken dat ze heel geïnteresseerd is in alles wat er nu gebeurt. Ze wil de krant blijven lezen!''

[Paulien Bläss, moeder van William (43)]

,,De eerste tijd was William helemaal van de kaart. Hij was gewend om twee dagen bij RuiterActief te werken, had één dag dagbesteding op De Rozelaar, was één dag per week op de zorgboerderij in Stroe en hij ging elke zaterdag naar De Klup. Hij zit op korfbal, zwemt heel graag en had twee keer in de week fitness bij RuiterActief. Ook kwam hij om het weekend thuis. Nu mist hij de verjaardagen van zijn nichten, neven, vriendjes, enzovoort.

En ineens moest hij hele dagen in huis blijven, samen met zijn tien huisgenoten. De dagbesteding die normaal gesproken in De Rozelaar zelf gebeurt, zoals spullen tellen en inpakken, werd verplaatst naar de groepswoningen. Dat werk duurde William veel te lang. Hij is vrijheid gewend. Hij kan de drukte in zijn hoofd niet verdragen, vandaar dat ik ben gaan bellen met een paar mensen van De Rozelaar. Nu mag hij ’s ochtends op zijn kamer blijven. Hij verveelt zich nooit, dat is heel fijn. Hij puzzelt graag; puzzels van duizend stukjes heeft hij in een mum van tijd af. Hij controleert zelfs puzzels voor Woord en Daad, of ze compleet zijn, hij spaart nog steeds voetbalplaatjes en doet aan diamond painting: dan maak je met kleine kraaltjes een schilderij. Hij is nu weer vrolijk, gelukkig.

Ik wilde hem het liefst naar huis halen. Alleen: dan zou hij bij ons moeten blijven tot het coronavirus helemaal weg is. Mijn man is 80, ik ben 73. Wat als een van ons ziek wordt?

William heeft het syndroom van Prader-Willi. Zijn verstand is vergelijkbaar met dat van een vierjarige. Hij snapt wel wat er nu aan de hand is. Pas zei hij: ‘Vanavond gaan we allemaal luisteren naar Mark Rutte.’

Eerst mocht een van de ouders nog op bezoek komen en was een wandeling nog toegestaan. Sinds 23 maart was dat ineens ook voorbij. William en ik liepen net buiten – keurig anderhalve meter van elkaar - toen mijn man me belde en het nieuws vertelde. We zijn direct naar huis gegaan, er was ineens niets meer aan. We moesten allebei huilen.

Nu bel ik William elke dag om negen uur. En om de dag ga ik tegen vier uur naar hem toe om zijn was op te halen. Hij heeft de tas dan al eerder bij de buitendeur gezet en ik wissel die dan om met een tas schone was.

...
Foto: ...
William met vader Ben.
Marianne
Foto: Marianne
Marianne