Gerjan Crebolder

Half december krijgt Duitsland te maken met streng winterweer en op 23 december bereikt de vorst ook ons land. Op veel plaatsen staat de sneeuw borg voor een witte Kerst. De vorst is nadelig voor de toch al niet rooskleurige voedselsituatie en het transport van onder meer aardappelen en meel over het IJsselmeer wordt er zeer door bemoeilijkt. De aanvoer daalt in december met liefst veertig procent. Op Eerste Kerstdag leidt het Ardennenoffensief tot panieksituaties in Nijmegen. Honderden mensen verlaten de stad uit angst voor een nieuwe Duitse bezetting. Op 28 december zegt Anton Mussert de 'heren' Van Geelkerken en Rost van Tonningen hun ontslag aan als eerste, respectievelijk tweede plaatsvervangend leider van de NSB.

[PATROUILLES] Veel nieuws over de periode rond Kerst 1944 is er in reguliere kranten niet te vinden. Velen daarvan bestaan immers niet meer en om die reden is de bevolking van het nog niet bevrijde deel van ons land aangewezen op berichtgeving via illegale blaadjes, opgevangen radioberichten en mondeling doorgegeven nieuws. Uit de gemeente Barneveld is uit die periode maar weinig bekend. In 'Uw tweede dagblad', een gestencild illegaal blaadje, stond op 22 december te lezen: 'Geallieerde patrouilles op de Veluwe. Uit Ede wordt bericht dat er nog telkens Geall. Patrouilles van 20 tot 30 man op de Veluwe opduiken. Men ziet hen vaak bij Wageningen en zelfs 's nachts in Ede'. Dit bericht werd een dag eerder ook al door Het Parool verspreid. Volgens een andere bron werden op de Veluwe en speciaal ook in Baarn en Soest eenheden Fallschirmjäger waargenomen die, naar eigen zeggen, zouden worden ingezet tegen de steden Brussel en Antwerpen en de wegverbindingen tussen beide steden.

[HONGERTOCHTEN] In het Algemeen Dagblad van 28 december een treurniswekkend bericht onder de kop 'Hongerig Nederland sjouwt langs de wegen…' Een paar fragmenten hieruit: 'Hebt u een beetje solutie voor ons?', is de vraag van twee knapen niet ouder dan 15 of 16 jaar. Ze staan langs een binnenweg bij Putten in Gelderland en hun bakfiets is vol beladen met aardappelen, in een kistje zitten twee konijnen. Het zijn twee jeugdige Rotterdammers die met een bakfiets vol etenswaren op weg zijn naar de Maasstad. Ze komen uit Zwolle. Ze tobben met een lekken band en al tobbend hopen zij toch voor de Kerstdagen nog thuis te zijn. We zijn bij een boer, even buiten Putten te gast, en het is er even druk als een aardig beklante winkeltje in de stad. Het is vragen om boter, om rogge, tarwe, aardappelen en alles wat eetbaar is. (…) Hongerig Nederland sjouwt langs de wegen met handwagens, bakfietsen, kinderwagens en alles wat maar wielen bezit. We passeeren ze bij Nijkerk, bij Amersfoort, dichterbij onder Utrecht en Gouda, den heelen weg dien we afleggen van Veluwe en Veluwezoom. Vrouwen die vroeger het dienstmeisje naar den groentenman stuurden om zooveel kilo aardappelen, duwen nu achter de handkar. Uit de Geldersche en nog meer noordelijk trekken de voertuigen met levensmiddelen naar de westelijke groote steden. Mantels en jassen dragen kennelijke teekenen van nachtverblijven in hooibergen en op stroozolders. Drie, vier weken en nog langer is men onderweg, eten vindt men wel en nachtrust ook. De korte dagen worden benut; als we vroeg in den morgen op de groote wegen zijn, rammelen de voertuigen in beide richtingen, de ledige naar het Oosten, de volle naar het Westen.'

[RAZZIA'S TIJDENS KERST] 'Vrij Nederland' kwam op 28 december met een bericht over tijdens de kerstdagen afgekondigde razzia's. Onder de kop 'De rovers' schreef een redacteur: 'Met de onbeschaamdheid, die zelfs hem, die de Duitsers tóch dóór meent te hebben, telkens weer verbaasd doet staan, heeft onze vriend de bezetter, de bevrijder uit de plutocratische slavernij, de brenger van de nieuwe wereld-orde ons met de Kerstdagen verrast met de laatste Bekendmaking. Het scheen met de Razzia's niet al te vlot te lopen na de overrompeling in Rotterdam. En daarom heeft men er op gevonden dat in Holland en Utrecht alle mannelijke ingezetenen van de 'Lichtingen 1905 tot en met 1928' voor de arbeidsinzet worden opgeroepen met de gebruikelijke straffen voor hen die het bevel niet zullen opvolgen. Tot onze verbazing is er nog geen doodstraf afgekondigd voor de weigeraars. Alleen wie onderdak verschaft aan onderduikers kan zijn inboedel verspelen. Daar komt dat dus te zijner tijd een auto voor de deur van de 'Beute-Abteilung', zoals dat op de Veluwe voor de huizen van de geëvacueerden het geval is.'

[KERSTAVOND] Op kerstavond overleed in noodziekenhuis De Schaffelaar de 55-jarige, uit Wageningen afkomstige kleermaker Gijsbertus Everhardus Kreijne aan de gevolgen van een opgelopen schotwond of granaatscherf. De op de grens van Voorthuizen en Nijkerk wonende Adriaan Mees overleed, 65 jaar oud, op dezelfde dag aan de gevolgen van een hartverlamming. Mees was ooit vennoot van de firma Dunlop & Kolff, makelaars te Batavia. Er woonden meer 'Mezen' in Voorthuizen en omgeving en toegewijde aanhangers van het gedachtengoed van Rudolf Steiner. Zoals wellicht bekend kende Voorthuizen vroeger een kleine, maar invloedrijke antroposofische gemeenschap.

[KERSTFEEST 1944] In het dagboek van het plaatselijke Rode Kruis over de gebeurtenissen tussen september 1944 en juni 1945 staat hier het volgende over te lezen: 'Kerstfeest in oorlogstijd… Wat een verschil in omstandigheden in vroeger jaren en nu. De boodschap van 'Vrede op aarde' in een tijd dat de oorlog in alle hevigheid gevoerd wordt en we de eindbeslissing tegemoet gaan. Maar de vluchtelingen vooral voelden dat contrast in alle scherpte. Verdreven van huis en haard, beroofd van bijna alle bezittingen, treurend over of in onzekerheid omtrent het lot van familie of vrienden. En van hen zijn de mensen die in de scholen moeten verblijven weer 't meest te beklagen. Gelukkig heeft het Rode Kruis door de medewerking van enkele winkeliers voor die mensen nog wat extra's kunnen doen: heerlijk brood, een ei en andere etenswaren konden hun uitgereikt worden, hetgeen misschien een lichtstraaltje heeft gebracht op menig donker levenspad.'

Tweede kerstdag betekende voor de sportieve inwoners van onze gemeente een dag vol ijspret. Op het Kootwijkerveen werd door veel jongere inwoners van Garderen en Kootwijk volop geschaatst. Even de zinnen verzetten, even niet aan de oorlog denken en vooral niet aan hoe die zou gaan aflopen, want dat er een einde aan zou komen was wel duidelijk.

Niet alle bij deze aflevering geplaatste foto's zijn gemaakt in decembermaand 1944. Er werd in ons land en zeker in de gemeente Barneveld toen nog maar weinig gefotografeerd. Wie nog een filmrolletje had bewaarde dat tot de bevrijding van ons land, waar iedereen naar verlangde.

...
Foto: ...
Geen idee waar hier werd geschaatst, maar op tweede kerstdag kon dat op diverse plassen in de gemeente Barneveld. (Foto Gemeentearchief Barneveld)
,...
Foto: ,...
Een deel van de Nijmeegse bevolking sloeg tijdens het Ardennenoffensief op de vlucht uit angst voor een nieuwe Duitse bezetting.
...
Foto: ...
De Molenweg met linksachter de molen ‘Windlust’ die tijdens de bevrijding van Voorthuizen door de Canadezen in brand werd geschoten. (Foto Gemeentearchief Barneveld)
...
Foto: ...
Het Veluwsch Fotohuis van fotograaf Weisz in Voorthuizen in de winter. (Foto Gemeentearchief Barneveld)
...
Foto: ...
Winterpret in Voorhuizen. Fotograaf Arthur Weisz maakte deze foto van een Voorthuizens gezinnetje. (Foto Gemeentearchief Barneveld).
...
Foto: ...
De Baron van Nagellstraat tijdens de oorlog met rechts het huis De Punt. (Foto Gemeentearchief Barneveld)