Jannes Bijlsma

Je maakt er toch geen zielig verhaal van hè?", vraagt Soeterboek (62) voor we het gesprek aanvangen. Hij werkt met plezier mee aan het interview, maar wil beslist geen zielig beeld van zichzelf neerzetten. Want al hij heeft het lichamelijk - en ook geestelijk - misschien zwaar voor de kiezen heeft gehad, zielig is hij niet. ,,Anderen hebben het nóg zwaarder gehad dan ik. Velen overlijden eraan. Het gaat mij er vooral om om de mensen te waarschuwen, voor zover dat nu nog nodig is. Dit virus is een sloper."

Soeterboek ontvangt zijn gast in z'n woning boven zijn schoenenzaak. Hier vertoefde de ondernemer wekenlang, doodziek, zonder dat hij ook maar iemand in de ogen kon kijken. ,,Dat dit nu weer kan, na zo'n ongelooflijk zware periode, is echt heel bijzonder. Dat gevoel is niet te omschrijven. Het enige menselijke contact dat ik twee weken lang had, was mijn schoonzoon die me wel eens fruit en drinken bracht. Hij tikte op de deur en zette het neer. Ik kon nog net zien dat hij wegliep."

Waar Soeterboek het virus precies opliep, weet hij niet precies. In februari was hij Italië, een maand later in Oostenrijk. ,,Half februari ging ik met een aantal collega's naar een meerdaagse beurs in Milaan, op hetzelfde moment als de eerste officiële coronapatiënt in Nederland. Op de luchthaven pikten ze er al mensen uit om bij hen koorts te meten. Daar deden we nog lacherig over, net als vrijwel iedereen in Nederland toen. Weet je nog dat premier Rutte de hand schudde van die RIVM-directeur? Pas later veranderde hier de toon. Na terugkomst viel het me op dat mensen toch al wat anders naar me keken, als ik zei dat hij in Italië was geweest. Maar ik had nergens last van."

[HALVE ZOLENCLUB] Een maand later stond er opnieuw een tripje naar Italië gepland: een skivakantie met 'de halve zolenclub'. ,,Zo noemen we elkaar: vijf vrienden die al vijftien tot twintig jaar met elkaar skiën. Allemaal 'schoenenjongens', met ongeveer dezelfde achtergrond. We hebben allemaal een familiebedrijf, zijn van de tweede, derde of vierde generatie, hebben allemaal een webshop, wisselen vaak dingen uit en kopen samen in. We zijn goede collega's." Inmiddels was Milaan een serieuze corona-brandhaard geworden. ,,En wij zouden naar de provincie Zuid-Tirol gaan, ook in Noord-Italië. Volgens de hoteleigenaar was er niets aan de hand en konden we gewoon komen, maar we vertrouwden het niet helemaal. Uiteindelijk gaf een advies van Buitenlandse Zaken om niet te gaan de doorslag. We hebben geannuleerd."

[MENSENMASSA'S] Oostenrijk was, voor zover begin maart bekend was, corona-vrij. Aangezien ze toch al op Innsbruck zouden vliegen, besloten de bevriende collega's in dat land te zoeken naar een alternatieve verblijfplaats. ,,Heel vroeger was ik in Fiss geweest, bij Serfaus. Daar vond ik een hotel." Vooraf spraken de 'halve zolen' met elkaar af niet naar de après-ski te gaan en om mensenmassa's te mijden. ,,We gingen skiën en daarna direct naar het hotel. Het was een heerlijk weekje."

Vrijdags vlogen ze terug naar Nederland en de Barnevelder voelde zich nog uitstekend. Nog nagenietend van een fantastische week, stond Soeterboek een dag later alweer in de winkel. ,,Mijn moeder woont bij verpleeghuis Neboplus. Bij haar was ik op zondagochtend, 's middags ging ik naar mijn dochter in Amsterdam. Ik bezocht veel mensen, niet wetende dat…"

[UITZIEKEN] Op zondagavond was het ineens mis bij Soeterboek. Hij kreeg, dat dacht hij tenminste, griep. ,,Ik voelde me toch zíek! Echt zo'n griepgevoel, alles deed me zeer. Maar ik hoestte niet, hoefde niet veel te niezen. Wel had ik koorts, ik had 39 graden. Inmiddels werd wel duidelijk dat Ischgl en Sankt Anton enorme corona-brandhaarden waren geworden. Ik nam contact op met de huisarts. Die zei: uitzieken en in quarantaine." De eerste week van ziekte viel nog wel mee, vertelt Soeterboek. Doodziek was hij niet, maar echt lekker voelde hij zich zeker niet. ,,Mijn zwager werd ongeveer tegelijk ziek. We belden elkaar om de twee dagen. Of we corona hadden, wisten we niet. Maar we zeiden allebei: nou, als dit het is, dan komt het wel goed. Maar in het weekend sloeg de ziekte keihard toe."

[DAG- EN NACHTRITME] 'Verschrikkelijk ziek' werd Soeterboek pas in de tweede week. Hij werd steeds benauwder en kortademig, ging 's nachts zweten, voelde zich het ene moment koud en het andere warm. ,,Dan denk je: dit gaat niet goed. Allemaal corona-verschijnselen. Die tweede week… Een hel is een groot woord, maar het was verschrikkelijk. Ik had niemand om me heen, voelde me heel erg beroerd. Ik raakte ook mijn dag- en nachtritme kwijt, omdat ik overdag vaak sliep. Ik had verder totaal geen eetlust, ben tien kilo kwijtgeraakt in die periode. Maar ik wist ook: ik moet blijven drinken."

[PIJNSCHEUTEN] Ondertussen maakten Soeterboeks kinderen zich grote zorgen. Ze hingen geregeld met hem aan de telefoon, om te horen hoe het was. ,,Zij verloren twee jaar geleden hun moeder aan borstkanker met uitzaaiingen in de longen. Dus ze waren doodsbang, ook omdat er niet echt verbetering in mijn situatie kwam. Af en toe had ik het idee dat ik opknapte, maar dan had ik ook zo weer een terugslag: pijn in m'n hoofd, rare pijnscheuten in handen en voeten, mijn darmflora was helemaal overstuur. Kortom: bijna niks werkte nog." Overdag sliep hij veel en keek hij tv. ,,En mijn mobiele telefoon was ineens mijn beste vriend. Normaal hoef ik hem overdag niet op te laden, nu was deze na drie à vier uur leeg. En ik denk dat ik gedurende die twee weken wel acht keer achter elkaar de Matthaüs Passion heb beluisterd. Dan was ik weer drieënhalf uur verder."

[LONGEN] Zondag 29 maart was de verjaardag van Soeterboeks overleden vrouw. Normaal zou dan de familie bij elkaar komen om haar te gedenken en zouden ze naar haar graf gaan. ,,Mijn bevriende huisarts belde die dag om mij sterkte te wensen in verband met Jannekes verjaardag. Mijn longen deden enorm zeer, dat zei ik hem. Hij waarschuwde mij om geen bacteriële ontsteking op te lopen. Dan zou ik nog verder van huis zijn. Ik had het idee dat dit nog meeviel. Maar in het midden van de week werd het erger en erger. Ik kon niet eens met m'n rug tegen een harde leuning aan zitten, dat deed zó'n zeer." Woensdag kwam de huisarts. ,,Die moest zich natuurlijk eerst in zo'n enorm pak hijsen. Hij nam bloed af voor onderzoek en hoorde iets in de longen dat niet goed zat. Er kwam die week geen verbetering. Diep ademen deed me verschrikkelijk zeer."

[MASKERS] De huisarts vertrouwde het vrijdag niet meer: hij stuurt Soeterboek naar het Meander ziekenhuis in Amersfoort. ,,Toen kwam ik in een andere wereld, heel onwerkelijk. Ik kende het van de televisie: allemaal tenten en mensen met dikke dichtgetapete pakken en maskers. De verpleegkundigen waren eigenlijk niet te herkennen. Het zal een stukje beroepsdeformatie zijn, maar ik zag aan de schoenen wie er binnenkwam. Ze liepen daar er allemaal op van die klompjes. Toen dacht ik: hé, dat is die met de zwart/witte klompjes. En er liep er eentje met van die machtig lelijke Crocs. Ze hadden wel van die stickertjes op met hun naam, maar hun klompjes waren voor mij een beter aanknopingspunt."

[PENICILLINEKUUR] Uiteindelijk hoefde de Barneveldse ondernemer niet langer dan een dag in Amersfoort te blijven. ,,Er werden foto's genomen: het bleek niet goed te zitten in mijn longen. Maar ik kon nog zelf ademen. De longarts zei dat de huisarts al de juiste penicillinekuur voor mij had ingezet en dat die z'n werk moest gaan doen. Dan zou het beter gaan. Toen ben ik nog getest op corona. Alles wees er vooraf natuurlijk al op dat ik het zou hebben. En dat bleek maandag, toen de uitslag binnen was, inderdaad."

[WIJNTJE] Soeterboek voelde zich nog knap beroerd, maar was toch ook gerustgesteld. ,,Als de longarts zegt dat de gekozen aanpak goed is, dan ga je ervan uit dat dit ook zo is. En dat bleek ook al snel na het weekend." Maandag ging het al beter en woensdag kreeg de Barnevelder het idee dat hij het ergste wel achter de rug had. ,,De ademhaling deed nog wel zeer, maar was al veel beter dan het was. Ondertussen kon ik mijn kinderen weer zien: dat menselijke contact was al een genot op zich. Donderdagmiddag kwam een neefje langs. Hij stelde voor een wijntje te drinken. Samen hebben we toen die fles leeg gedronken en toen dacht ik: hé, dit gaat goed."

[SMAL BEKKIE] Op advies van zijn dochter besloot de Barnevelder te wachten tot na het Paasweekeinde om weer aan de slag te gaan. ,,Volgens de RIVM ben je in principe niet meer ziek als je 24 uur klachten vrij bent. Maar ik wilde geen risico nemen met de dames in de winkel en natuurlijk onze klanten, dus ben ik nog een paar extra dagen boven gebleven." De dag na Pasen was zijn eerste werkdag. ,,Ik was zó blij. Ik maakte nog even een rondje langs collega-ondernemers. Ze zeiden allemaal: 'Zó Hans, smal bekkie! Je mag wel weer eens wat eten.'"

[MELAATSE] Sommige mensen die weten dat Soeterboek ernstig ziek is geweest, houden bewust afstand tot hem. ,,Ik was natuurlijk vier weken niet buiten geweest. Vorige week kwam ik iemand tegen op straat. Hij was blij dat hij mij weer zag fietsen. Terwijl we praatten, zag ik hem langzaam steeds iets verder achteruit lopen. Ook een bevriende collega durft niet bij mij langs te komen. Zoiets voelt heel gek, alsof je een melaatse bent."

[MINDER OMZET] Soeterboek heeft alle begrip voor de strenge maatregelen die het kabinet heeft afgekondigd. Zelf berekende hij dat zijn schoenenwinkel sinds de instelling van de 'intelligente lock-down' zo'n 55 procent minder omzet draait. ,,Dat is fors. De boel stortte van de ene op de andere dag in elkaar. Ik heb nog met de gedachte gespeeld om de tent dicht te gooien, maar dat heb ik toch maar niet gedaan. Wel zijn de winkeltijden aangepast. En de webshop loopt gelukkig goed door."

[MET Z'N DRIEËN] De andere leden van de Halve Zolenclub hebben ondertussen nergens last van gehad, ook al sliepen ze met z'n drieën op een hotelkamer. ,,Ook mijn moeder in Neboplus en mijn dochter in Amsterdam hebben geen gezondheidsproblemen gehad. Je hoort ook van echtparen waarvan één van de partners corona heeft en de ander totaal niet. Bijzonder. En gelukkig ook maar."

[ZWAAR IN DE PUT] Zijn periode van ziek-zijn was niet alleen lichamelijk, maar ook geestelijk heel zwaar. ,,Als je ziek bent, en je bent alleen, dan komen er heel veel dingen voorbij in je hoofd. Je komt jezelf zwaar tegen. Dan zit je zwaar in de put. Dat had ik tenminste wel. Hoe kom ik hier uit? Heb ik blijvend longletsel? Je gaat je van alles indenken. Misschien zijn die gedachten gevoed door het verlies van mijn vrouw. Het was echt geen pretje, en dat is nog zwak uitgedrukt. Maar ik ben nu vooral blij dat ik het nog kan navertellen."