Mijn dochter en zoon waren niet onder de indruk. Gedreven door grenzeloze gemakzucht verkochten ze elk maximaal vier loten: één aan pappa, één aan mamma, één aan opa en één aan oma. Totaalopbrengst voor het gezin Roest: 24 euro, volledig gesubsidieerd door de familie zelf.

Nee, dan Femke Berkhof uit Zwartebroek. Zij wist de afgelopen weken weken niet minder dan 707 (!) loten aan de mens te brengen, waarmee ze een bedrag van bijna 1.700 euro verdiende voor de clubkas van korfbalvereniging Revival. Ze werd terecht uitgeroepen tot de allerbeste lotenverkoper heel Nederland. ,,We kunnen Femke met recht een lot uit de loterij noemen'', aldus een woordvoerder van het bestuur.

In totaal haalden de leden van Revival zo´n 6.000 euro op. Het bestuur besloot op zijn beurt om het geld te besteden aan de jeugdleden. ,,Zij zijn de toekomst, dus dit geld besteden we aan hun opleiding.'' Een ruimhartig gebaar.

Daarover gesproken: Kees Brandenburg uit Woudenberg stelde een prangende vraag over de gewenste maat van zijn hart aan presentator Frits Spits van het radioprogramma Taalstaat. 'Gewoonlijk laat ik mij betrekkelijk snel beïnvloeden door gevoelige verhalen. Ik heb dan ook een klein hartje, dacht ik te begrijpen. Denk ik echter aan een ruimhartig gebaar van mijn buurman, dan loop ik al vast. Ik hoor verluiden dat hij een groot hart heeft. Beide lijkt mij niet mogelijk. Kunt u mij helpen hierover helderheid te krijgen?'

Frits Spits maakte vervolgens duidelijk dat een klein hartje betrekking heeft op 'binnenlandse zaken' (iemand lijkt stoer, maar is eigenlijk heel lief of gevoelig), terwijl het hebben van een groot hart te maken heeft met 'buitenlandse zaken' (hij is goed voor anderen). Je kunt als mens dus zowel een klein als een groot hart(je) hebben. Ontroerend, nietwaar?

Over ontroerend gesproken. Na een verblijf van enkele maanden kwam er vrijdag een einde aan de stage van onze Garderense grootheid Rik Bronkhorst. Hij manifesteerde zich als een enthousiaste verslaggever in wording, van wie we ongetwijfeld nog veel gaan horen. We behandelden hem zoals we alle collega´s behandelen, waarmee we Rik af en toe tot wanhoop dreven. 'Waarom zijn jullie zo?', vroeg hij zich meer dan eens hardop af. Af en toe had het talent flink met zichzelf te doen. In mijn afscheidstoespraak zei ik daar het volgende over: ,,Als je niet slaagt in de journalistiek, kun je je nog altijd melden bij Lotus, de landelijke opleiding tot uitbeelden van slachtoffers. Want de slachtofferrol, die vul jij uitstekend in.''

Rik schreef veel indrukwekkende verhalen, maar hoogtepunt was het bezoek van zijn vader aan de redactie van de Barneveldse Krant, die hem een wandelende encyclopedie noemde: Rikipedia.

[Erik Roest]