
Holocaust-herdenking in Barneveld: ‘Het begon niet met vernietiging, maar met taal’
27 januari 2026 om 09:15 MaatschappelijkBARNEVELD ,,Het begon niet met vernietiging, maar met taal.’’ Met deze woorden opende Alexander van Dijkhuizen maandag zijn toespraak tijdens de Holocaustherdenking bij de Joodse begraafplaats in Barneveld.
De jaarlijkse herdenking bracht inwoners, vertegenwoordigers van de gemeente en leden van de Joodse gemeenschap samen om stil te staan bij de slachtoffers van de Holocaust én bij de betekenis daarvan voor het heden.
VOORTDURENDE CONFRONTATIE
Van Dijkhuizen sprak namens de Joodse Gemeente Amersfoort en maakte duidelijk dat herdenken meer is dan terugkijken. „Herdenken is geen afsluiting van het verleden, maar een voortdurende confrontatie met wat mensen elkaar kunnen aandoen, en met wat mensen van elkaar mogen verwachten,” zei hij. De Holocaust, waarbij zes miljoen Joden en miljoenen andere slachtoffers werden vermoord, noemde hij „een van de meest radicale vormen van ontmenselijking die de wereld heeft gekend”.
VERDELEN VAN MENSEN IN GROEPEN
In zijn toespraak legde Van Dijkhuizen de nadruk op het proces dat aan de vernietiging voorafging. Volgens hem begon het niet met geweld, maar met woorden en keuzes. „Met het verdelen van mensen in groepen. Met het wennen aan het idee dat sommige mensen minder welkom zijn dan anderen. Met het normaliseren van uitsluiting en het wegkijken van wie dacht dat het niet hun probleem was.” De geschiedenis leert volgens hem dat beschaving niet plotseling verdwijnt, maar „stukje bij beetje wordt prijsgegeven”.
GEEN LOSSE ONDERDELEN
Van Dijkhuizen waarschuwde ervoor om deze lessen uitsluitend als verleden tijd te beschouwen. Hoewel de omstandigheden vandaag anders zijn, herkent hij vergelijkbare mechanismen in de huidige samenleving. Hij noemde voorbeelden waarbij Joodse artiesten of delegaties worden uitgesloten van culturele evenementen en waar Joodse vieringen worden afgelast omdat hun aanwezigheid als ‘te gevoelig’ wordt gezien. „Dit zijn geen losse incidenten,” stelde hij. „Het zijn signalen. Zij laten zien hoe uitsluiting opnieuw genormaliseerd raakt.”
Volgens Van Dijkhuizen speelt daarbij ook sociale druk een rol. Moreel handelen wordt steeds vaker verward met het innemen van de juiste positie. „Maar morele moed vraagt iets anders,” zei hij. „Niet om meebewegen, maar om verantwoordelijkheid. Niet om bevestiging van de groep, maar om zelfstandig oordeel.” Hij waarschuwde dat wie vooral bezig is met hoe hij gezien wordt, gemakkelijk wegkijkt van wie daardoor buitengesloten raakt.
GEEN VANZELFSPREKENDHEDEN
Ook burgemeester Jacco van der Tak sprak tijdens de herdenking. Hij benadrukte het belang van blijven herdenken, juist nu de afstand tot de Tweede Wereldoorlog steeds groter wordt. „Vrijheid en democratie zijn geen vanzelfsprekendheden,” zei de burgemeester. „Herdenken houdt ons scherp en herinnert ons eraan waartoe haat en uitsluiting kunnen leiden.” Van der Tak riep op om alert te blijven op discriminatie en polarisatie, en om verantwoordelijkheid te nemen wanneer fundamentele waarden onder druk staan.
Van Dijkhuizen sloot zijn toespraak af met een duidelijke oproep. Herdenken betekent volgens hem ook beloven: „Dat wij uitsluiting herkennen, ook wanneer zij zich beleefd, cultureel of goedbedoeld aandient. Dat wij deugdzaamheid niet verwarren met moed, en stilte niet met beschaving.” Die verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij overheden of instellingen, maar bij iedereen, in woorden en keuzes.
De herdenking werd in stilte afgesloten. Zoals Van Dijkhuizen het verwoordde: „Moge de herinnering aan de slachtoffers ons niet alleen tot stilte brengen, maar ook tot waakzaamheid en verantwoordelijkheid, hier en nu.”



















